dinsdag 14 augustus 2018

60 uur in een treincoupé van 2mx2m

  
Russisch dorpje
De toiletdeur in de trein is op slot. Nu niet bezet door een van de andere 40 medepassagiers van onze wagon, maar op slot gedraaid door de provodnitsa (treinassistent). Over 10 minuten rijden we het station Mariinsk binnen. De toiletten lozen direct op het rail. Wel zo netjes om dat dan niet op de stations te doen. Geen ramp als je hoge nood hebt, want op het station betaal je bij de toiletdame 18 roebel (25 cent) voor een schoon toilet. In Mariinsk stoppen we een half uur, dus alle tijd. Er zijn zo'n 5 langere stops per dag, in Novosibirsk zelfs een uur lang. 
Bij de officiële kiosken kun je alles kopen wat je tijdens de reis nodig hebt, tot verpakte bolletjes ijsje aan toe. Er is ook veel 'illegale' verkoop. Een oud dametje had bekertjes frambozen in haar tasje. Toen ik naar de prijs vroeg (sto = 100 (roebel)), ging de tas snel dicht. “Militia”, zei een medepassagier die ook belangstelling had voor het fruit. Toen de politie zich even omdraaide kon de verkoop alsnog plaatsvinden. 
Provodnitsa

Een andere oude vrouw bood aardappelen en uien aan. Ik had geen interesse. Ze opende haar handtasje, waar een blikje bier in zat. Eveneens sto roebel. De helft van de prijs in de restauratiewagen. Ik kocht het half liter blikje lauwe bier. Ook de provodnitsa runt in de trein een winkeltje met koffie/thee, frisdrank, water, zakjes chips en chocolade. 
Elke wagon heeft verder een indrukwekkende boiler waar je kokend heet water uit kunt tappen voor de oploskoffie, thee of gedroogde soepen. Geen probleem dus om te overleven tijdens de rit. 
Boiler
Op gezette tijden dweilt de provodnitsa de gang, veegt ze de coupés, klopt het matje uit en sopt de wanden af met een lapje. Na drie nachten in de trein, 3400 km vanaf Jekaterinenburg, is het toch ook weer fijn om het 'kedeng-kedeng' even achter ons te laten. Helemaal fris ruikt onze coupé niet meer. We stappen uit in Irkutsk. 
Irkutsk treinstation

In Jekaterinenburg bezochten we het Boris Jeltsin-museum, die in die regio geboren is en daar werkte voordat hij president van Rusland werd. Het beeld dat ik over hem had (een dronken man naast Clinton), is grondig bijgesteld. Dat hij in 1991 tijdens de augustusstaatsgreep op het Rode Plein op de tank ging staan en twee jaar later een tweede staatsgreep overleefde, is in Nederland ongetwijfeld uitgebreid in het nieuws geweest. Wij hebben deze berichten in Zambia en Ghana vast via de Wereldomroep op het transistorradiootje vernomen, maar het is niet blijven hangen. Beelden zeggen zoveel meer. Jeltsin: een eigenzinnige, visionaire man, die ervoor zorgde dat de USSR en de communistische partij werden ontbonden, en grondlegger van het huidige moderne Rusland. 
Het museum gaf ook mooi aandacht aan de enorme economische crisis waar Rusland lang in verkeerde. Volgens onze gids in Moskou zijn de gevolgen van de sancties, na de annexatie van de Krim, nu ook merkbaar. De roebel is nog maar de helft waard ten opzichte van de dollar. Het land is wel veel meer zelfonderhoudend geworden, alhoewel Heineken en Amstel het hier nog steeds goed doen.
We zijn nu in Listvyanka, 70 km van Irkutsk, aan het Baikalmeer. Het meer is 700 km (!) lang en 20 km breed is. Nu heeft het de sfeer van de Mediterrane Kust - het is hier 25 graden -, maar ‘s winters vriest het 30 graden. Auto’s rijden dan naar de overkant over een 1,5 meter dikke ijslaag. Schaatsen verzekerd. Ik zou dat wel eens mee willen maken. KLM/Aeroflot vliegt je in februari voor 600 euro heen en terug. Misschien nog een keer terugkomen als het Siberisch koud is.


donderdag 9 augustus 2018

Rusland en patriottisme

Patriskanya Metrostation
Oude mensen, vrouwen en kinderen wilden in 1944 ook een bijdrage leveren aan de grote patriottische oorlog, zoals de tweede wereldoorlog hier wordt genoemd. Zij bouwden het Partizanskaya station, aan de noordoost kant van Moskou. Oorlogswapentuig en soldaten konden zo gemakkelijker naar het front worden vervoerd. Nu is het metrostation onze opstap naar het centrum van Moskou. In een kwartiertje sta je op het Rode Plein. Ik was hier 14 jaar geleden ook. Toen hing er nog spanning in de lucht. Nu niet meer. 's Avonds wandelen we relaxed langs de straatartiesten op de Ulitsa Arbat en drinken nog wat in een café met verschillende soorten tapbier en livemuziek van een singer-songwriter. Ook Leffe en Hoegaarden zijn verkrijgbaar maar daarvoor zijn we niet in Rusland. Moskou is het begin van onze Trans-Siberië/Mongolië reis met als eindbestemming Beijing. 
Metrostation Majakovskaja
Aan cultuur en geschiedenis geen gebrek in Rusland. Het Tretjakov Staatsmuseum hangt vol met prachtige schilderijen van Russische kunstenaars. 
Portret in Tretjakov Museum
Barre winters
Kremlin is natuurlijk een 'must' met de orthodoxe kathedralen versierd met gouden daken. Hier liggen de vorsten begraven, die tussen 1300 en 1600 het land regeerden. Vervolgens kwam de Romanov-dynastie met rond 1700 keizer/tsaar Peter de Grote, Alexander I, II en III, en als laatste Nicolaas II. St. Petersburg werd de hoofdstad. In 1917 namen de bolsjewieken de macht over, Lenin werd de eerste proletarische leider. Tsaar Nicolaas II en  zijn gezin werd verbannend en een jaar later in Jekaterinenburg vermoord. 
Een van de kathedralen in het Kremlin met goudversierde koepels
In de rij voor het Lenin Mausouleum
Lenin overleed in januari 1924 op 53-jarige leeftijd aan een hersenbloeding. De natie was in rouw en wekenlang liep het volk langs zijn opgebaarde lichaam. Het was steenkoud. Stalin besloot om Vladimir Iljitsj te blijven eren met een mausoleum, waar het gebalsemde lichaam nog steeds te zien is. Bijna 100 jaar later staan wij in de rij en lopen onder streng toeziend oog van de wachten langs de glazen kamer. Verrassend om de man te zien - niet in levende lijve, maar wel het lijf. Heel herkenbaar! Als ik in de koele ondergrondse ruimte te lang sta te kijken, tikt de wacht op m'n schouder en sommeert me door te lopen. Wat ik dan ook maar doe.  
Kremlin muur
Voor het Lenin Mausoleum
Zijn opvolger Stalin voerde een schrikbewind, waarbij 6 miljoen mensen de dood vonden in de goelags (strafkampen). Evenveel doden als in de tweede wereldoorlog. Zijn beeltenis werd al een jaar na zijn dood van veel gebouwen verwijderd, vertelt onze gids. Wel zijn de 'seven sisters' nog aanwezig. 7 kolossale stalinistische wolkenkrabbers, één daarvan is nu een peperduur hotel.
Mozaiek plafond van een metrostation. Stalin stond vroeger naast Lenin!
Een van Stalin's 7 sisters
Er is nog veel meer te zien, maar onze tijd zit erop. De treinreis begint. Gelukkig (nog) geen WiFi in de trein. We hebben ook de andere twee plaatsen opgekocht en de coupé voor onszelf. Om de paar uur maakt de trein een lange stop. Water in de trein wordt efficiënt bijgevuld uit ondergrondse tanks. Passagiers kunnen wat voorraad kopen bij de venters. Aardappelen, knoflook of augurken. Ik koop een bekertje bessen. Straffe rokers kunnen opgelucht een sigaretje roken. 
Verkopers bij de trein

In de trein wordt op gezette tijden de gang gedweild door de provodnitsa; op elke gang is zo'n treinassistent aanwezig. Na 1,5 dag reizen, 1800 km naar het oosten, met 2 uur tijdsverschil met Moskou, zijn we nu in Jekaterinenburg, ook wel de poort tot Siberië genoemd. Het is al donker als een taxichauffeur ons door de stromende regen naar het hotel rijdt. Morgenavond stappen we weer op voor het volgende traject.

maandag 23 juli 2018

Seroconversie-angst

Het gebeurde toch. Zaterdagmorgen, bewegend van operatiekamer, polikliniek naar de afdelingen. Ik werd geroepen bij een patiënt met hoge koorts die trekkingen had gekregen. De 'clinical officer' had haar de avond tevoren gezien en de diagnose hersenmalaria gesteld. De dikke druppel was echter negatief. Een lumbaalpunctie.. even vlug. Eerst wat bloed (een vaatje aangeprikt) en toen het hersenvloeistof. Ineens bij het wegleggen van de naald raakte ik m'n vinger, voelde niks. Het bloedende wondje was het bewijs dat ik mij geprikt had. Stom, dacht ik, toen ik mijn vinger in de alcohol had. Nooit eerder had ik me tijdens routinewerk geprikt, wel tijdens moeilijke operaties. Testen? M'n werk ging door en ik vergat het voor de rest van het weekend. Maandagmorgen zag ik de patiënt opnieuw en keek haar wat beter na. Schrik! Grote lymfeklieren. 's Nachts was ik wakker. Testen? Ik heb natuurlijk mijn verantwoording naar vrouw en kind. Ik vertelde het haar. Ook schrik en teleurstelling. Ik testte de patiënt: positief. Ik testte mezelf: negatief, maar wat over drie maanden?
Het was mijn eerste korte artikel, in 1990, en bedoeld om de realiteit van het alledaags werk in de tropen onder de aandacht te brengen. Memisa reageerde in haar huisblad dat het een belangrijk signaal was om nog beter mee te nemen in de voorbereiding, maar ook dat het een persoonlijke keus was om deze risico’s aan te gaan. Die keus hadden wij ook heel bewust gedaan. En ze schreven ook, dat in geval van zo’n calamiteit we 24x7 mochten bellen. Het telefoonnummer werd nog gemeld. Maar ja, dan moet je wel een telefoon hebben... Gelukkig liep het goed af!

In die tijd stuurde ik ook een ingezonden brief naar het NRC. Het knipsel ligt nog ergens tussen de bewaarde stukken. Het was een reactie op een artikel over de groei van de wereldbevolking. Ik stelde dat de bevolkingsgroei ook weleens negatief kon worden door de gevolgen van de hiv-epidemie, die ik dagelijks meemaakte. In een aantal Afrikaanse landen is de bevolking ook een aantal jaren afgenomen. Nu niet meer. Door de beschikbaarheid van hiv-medicijnen gaat het redelijk goed met de bestrijding van hiv. Niet met tuberculose. Er sterven wereldwijd nu meer mensen aan tuberculose dan aan hiv! En 40% van de hiv-patiënten overlijdt aan de gevolgen van tuberculose. Hiv en tuberculose gaan ‘goed’ samen, omdat hiv de weerstand afbreekt, waardoor de tuberculosebacterie vrij spel krijgt.
Fotobeelden bij de ingang van de RAI
Deze week bespreken wetenschappers, bestrijders, donoren en activisten de laatste ontwikkelingen in de hiv-bestrijding tijdens het Wereld AIDS Congres in Amsterdam. We spreken eigenlijk niet meer van aids, omdat dat, voor de beschikbaarheid van medicijnen, het eindstadium was van de ziekte, beladen met stigma. Met hiv-medicatie is aids een omkeerbaar ziektebeeld geworden, en is de levensverwachting vrijwel gelijk aan die voor mensen zonder hiv. Sommige stellen dat de levensverwachting zelfs beter is, omdat mensen intensief gecontroleerd worden.
Transgender uit Indonesie
Het is een bonte verzameling congresbezoekers. Wetenschappers in pak. Kleurig uitgedoste activisten. De orde wordt regelmatig verstoord. Vandaag werd de farmaceut Gilead uitgejouwd bij hun stand, omdat de hiv-medicijnen van dit bedrijf te duur zijn. “Only for the rich!”. Brazilianen lopen fluitend en protesterend langs de stands. “Shame, shame, shame!”. De financiering van de hiv-activiteiten in hun land staat onder druk. 
Celebrities, zoals Mabel, benadrukken dat verschillen in toegang tot hiv-zorg onacceptabel zijn. We zijn één wereld. Conchita vertelt wat haar gevoel was om niet geaccepteerd te worden vanwege de hiv-infectie. 
Een verpleegkundige uit Curaçao laat me de stickers zien die zij volgende week op het eiland gaat plakken: ‘undetectable = untransmissable’ (als het virus niet meer aantoonbaar is in het bloed, door de hiv-medicatie, dan kan de ziekte ook niet meer worden overgedragen). 
Er is veel veranderd sinds 1990. Toen was er geen post-expositie profylaxe (PEP), nu is een thema PrEP (pre-expositie profylaxe; de preventiepil). De kosten worden in Nederland grotendeels gedekt door de ziektekostenverzekering en naar verwachting zal daardoor het aantal nieuwe hiv-gevallen verder afnemen.
Ik had een bijdrage met een posterpresentatie
en aan een paneldiscussie


zondag 15 juli 2018

Uw Fruit Tuintje


“Ik doe er nog een kousenband bij’, zegt de verkoper van Uw Fruit Tuintje aan de Surinaamse dame voor me die haar mandje vol heeft met groente en fruit. Ze lacht. “Doe het dan”, zeg ik tegen hem en op commando vliegt er een zak kousenband door de lucht die behendig wordt opgevangen. Ik reken mijn twee pompelmoezen en het zakje mango’s af. Dit is niet de markt in Paramaribo maar een winkeltje op het vliegveld Zanderij in Suriname. Achter de douane (!!) kopen veel mensen nog even fruit en groente bij hem, en sjouwen die in Jumbotassen het vliegtuig in. Ik ook. En waarom ook niet. Pompelmoes, een soort grapefruit, eet je niet elke dag in Nederland.

Vlaggen in de zaal bij de bespreking van het Nationaal Strategisch Tuberculose Plan. Van links naar rechts: Pan American Health Organization (PAHO), Suriname, World Health Organization (WHO)
Het is de derde keer in 12 maanden dat ik in Suriname ben. Dit keer om drie onderwerpen te bespreken: i) het strategisch meerjarenplan om tuberculose terug te dringen, ii) een richtlijn voor de behandeling van multiresistente tuberculose en iii) de resultaten van onderzoek van het RIVM naar de resistentie van tbc-bacteriën in Suriname. De goede samenwerking werd woensdag nog eens benoemd door de Directeur Volksgezondheid en de vertegenwoordiger van het lokale Wereldgezondheidsorganisatiekantoor. Het was ook een prettig weerzien met de tbc-bestrijders in Suriname. We raken steeds meer met elkaar bekend/bevriend en Whatsappen wat af. 
Werkgroepen aan de slag met het Nationaal Strategisch Tuberculose Plan
De trip was deze keer nog korter dan de vorige trips. Dinsdag zat ik op de 9 uur durende dagvlucht naar Paramaribo. Nu, zaterdagavond, vlieg ik weer terug, met een korte nacht in het vliegtuig. Qua intensiteit vielen de drie dagen wel mee hoor. Er was vooraf al heel wat schrijfwerk gedaan en de nadruk lag op de twee bijeenkomsten. 
Hengelen bij Braamspunt, waar de Surinamerivier uitmondt in de Atlantische Oceaan
Gelegenheid dus om eens te gaan vissen, of ‘hengelen’ zoals de Surinamers zeggen. Mijn Nederlandse reisgenoot, een fervent visser, had een bootje gehuurd om de Surinamerivier op te gaan. En ik wilde wel eens van mijn geen-vangst-complex af. Dat is niet gelukt. “Niks getrokken” zegt men in Suriname. Behalve dan de mangrove-takken en plastic zakjes. Suriname draagt ook bij aan de plastic soep. Ik lag diep te slapen, toen mijn droom onderbroken werd door mijn reisgenoot die wel een meerval binnenhaalde. 
Er zijn veel vissoorten in Suriname. Op de grote markt in Paramaribo liggen ze in stapeltjes bij en naast elkaar; sommige nog levend in een emmer. De vis wordt direct aangeleverd via de Surinamerivier die achter de kraamtjes stroomt. Verser kan niet.



De toiletdame bij de markt
Het was rustig op de markt. Volgens de kooplui omdat mensen geen geld hebben. Het gaat economisch slecht in Suriname. Vooral door falend bestuur. Tekenend is bijvoorbeeld dit krantenartikel die beschrijft dat 150 miljoen US dollar nodig is om de zanderige Surinamerivier uit de diepen. Het land kan geen lening meer krijgen. Grote olieboten kunnen het land niet meer in, de benzine gaat duurder worden en prijzen van alle producten zullen gaan stijgen. 
Het bijzondere is dat je het plaatselijke nieuws gewoon in het Nederlands kunt lezen. Hier nog twee berichten uit de Times of Suriname: hoe een Surinamer tegen de lamp liep in Frankrijk 
en hoe een kleuter werd aangesproken vanwege 'brandstichting'.
En deze zijn ook leuk: