dinsdag 3 augustus 1993

2. Het tropisch regenwoud zie je letterlijk verdwijnen

Wij zijn nu al bijna 2 maanden in Ghana en krijgen wat idee van het leven hier. Wat vooral opvalt, is dat we veel vergelijkingen maken met Zambia. Het zal wel even duren voordat dit referentiekader wegvalt en werkelijk plaatsmaakt voor Ghana.

In Zambia vond ik de mensen zo gelaten. Alles, en dan vooral de problemen kwam over hen heen en men gaf mij daar het gevoel dat men er niets aan kon doen. Ghana is anders. Het bruist hier van de activiteiten. Niet alleen op economisch gebied, maar ook cultureel, sociaal leeft het hier veel meer. Ook op gezondheidsgebied is dat erg stimulerend. Zo worden hier dorps-gezondheidswerkers getraind die in de dorpen kleine kliniekjes runnen, en daarnaast ook preventief bezig zijn. Een groot deel van mijn werk zal zich concen­treren rond een UNICEF-programma, die dit systeem van basis-gezondheidszorg nieuw leven in blaast. Deze structuren heeft men ook geprobeerd op te zetten in Zambia, maar dit kwam totaal niet van de grond. Ik denk vooral door de bovenliggende instelling. De molen draait hier wat sneller en soms hebben we ook wel een beetje heimwee naar de relaxte sfeer in Zambia.

In de grote steden is het een aaneenslui­tende rij van winkeltjes. Wij zijn in Accra en Kumasi, de twee grote steden geweest. Grote supermarkten kom je er bijna niet tegen. Je vindt er straten waar men alleen maar elektronica verkoopt, verderop rijen kledingzaakjes. Het maakt het winkelen vaak wel makkelijk, omdat je zo weet waar je moet zijn. Ook vind je hele gespeciali-seerde winkeltjes. Zo zag ik in Accra een centrum voor boutjes en moertjes. Ik ben helaas niet naar binnen geweest. Ook probeert men vaak een strategi-sche positie in te nemen. Direct naast het grote ziekenhuis in Accra, Korle Bu Hospital, worden de lijkkisten gemaakt en verkocht (‘Coffin market’). Voor een westerling misschien indiscreet, maar hier misschien veel meer in goede harmonie... Bij de verkeerslichten is het ook altijd een druk handelen. ‘s Ochtends worden er de kranten verkocht, ‘s middags zakjes ijswater en koekjes voor de uitge­droogde automobilist, die ook hier in de file staat. Daarnaast worden ook allerlei luxe artikelen zo aan de man gebracht. Ook in Foso zijn honderden winkeltjes. Bijna bij elk huis wordt wel het een of ander (veel hetzelfde) verhandeld. Op deze manier weet men vaak een klein dagsalarisje van 2 of 3 duizend cedi's bij elkaar te sprokkelen, wat omgere-kend nog geen tientje is. Dit is vaak een noodzakelijke aanvulling op de inkomsten in natura die men van een farm/tuin heeft.

Bij ons uitstapje naar Kumasi hebben we een bezoek aan de dierentuin gebracht. Twee leeuwen, een luipaard, apen, schildpadden, slangen en veel vogels waren hier bij elkaar gebracht. Een lekkere wandeling, en vooral Koen genoot erg van de apen. Grote verbazing bij ons over de plek waar ooit een olifantje gehouden werd. Het olifantje was dood en een deel van z’n huid + oren stond als een vogelverschrikker opgesteld in zijn oude kooi.

Een stampende olifant zie je bijna in elk dorp op reclameborden voor politieke partijen staan. Dit is het symbool van de oppositie partij, New Patriotic Party. Deze partij heeft zijn meeste aanhang onder de bevolking in het Westen van Ghana, dus ook in Assin Foso. Bij de presidentsverkiezin-gen van vorig jaar ging echter de meerderheid onder de paraplu staan, het symbool van de National Democratic Congress, de partij van Jerry Rawlings. Het is wel opvallend dat er in elk dorp naast deze beide partijen vaak ook nog andere partijen een kantoor hebben. Een ander opvallend verschijnsel langs de weg is het transport van boomstammen. Het tropisch regenwoud zie je zo letterlijk verdwijnen. Elk uur rijden hier zo ongeveer 5-10 trucks door Foso. Meestal zijn de opleggers geladen met drie grote boomstammen, soms maar een. Laatst heb ik eens naast zo'n grote boom-stam gestaan en kwam de diameter overeen met mijn lengte. Eeuwenoude bomen verdwijnen zo, maar aan de andere kant ook wel begrijpelijk. Hout is een belangrijk exportartikel geworden. Bovendien komt grond vrij voor landbewerking.

Mijn eerste bezoek aan de Nederlandse Ambassade was een teleurstelling. Gewend aan het stukje Nederland in Lusaka, was dit in Accra wel anders. Ik kwam bij het bezoek nog een andere Nederlander tegen, ook een bezoeker. Verder was er een lange rij Ghanezen die allen proberen een visum te krijgen. Op de grond heb ik mijn aanmeldingsformulier ingevuld.

De papiermolen die we in Zambia hadden, is hier uitbesteed. Florence vertelde in de vorige brief dat onze werkvergunningen alleen nog maar een hamerstuk waren, dat is het nog steeds. Onze paspoorten hebben we de eerste week afgegeven aan een non in Accra en die verlengt onze visa steeds. Verder kijken we ernaar uit om onze bagage weer te zien. Een eerste kleine zending is onlangs aangekomen. Alle 9 dozen waren opengemaakt en verschillende dingetjes ontbraken. We wachten in spanning de grote vracht af. Ook kijken we ernaar uit om in ons definitieve huis te gaan. Tot eind augustus verblijven we nog in een kleine woning, met 3 kamers van 3,5 meter in het vierkant. Soms komen de muren op ons af, en gaan we er een weekendje uit, zoals afgelopen weekend. we hebben twee dagen in een hotel in Elmina doorgebracht, aan een palmstrand. Het weer is deze tijd van het jaar niet zo geweldig (bewolkt, lichte regens, wel warm), dus hebben we oude forten langs de kust bezocht. Ook hier hebben de Nederlanders een dubieuze rol gespeeld. Boven de ingang van het Elmina fort, staat de Nederlandse leeuw. In de 17e en 18e eeuw zijn hier miljoenen slaven weggevoerd.

In een volgende brief zal ik wat meer vertellen over m’n werk, waar ik nu langzaam in groei. Ton, die ik ga opvolgen, vertrekt eind van de maand en dat betekent dat er een lange inwerkperiode is. Deze overdracht is erg belangrijk voor de continuïteit van de werkzaamheden, maar soms geeft het je ook wel het gevoel een toeschouwer te zijn.

Met Ton deed ik op een ochtend de ronde door het ziekenhuis toen Florence een brief kwam brengen. De brief was per expresspost verstuurd en kondigde het bezoek aan van twee Memisa-mensen op vrijdag, met tegelijk de vraag een programma voor die dag in elkaar te zetten. De brief had er vier dagen over gedaan en het was inmiddels al vrijdag. Wij vervolgden de ronde, maar binnen 10 minuten stonden de twee Memisa-afgevaardigden voor onze neus. Gekleed in mooie Memisa t-shirtjes, waarop de slogan “Memisa maakt de wereld beter” gelukkig ontbrak. Dat zou hier te veel verwachtingen losgemaakt hebben. Hun missie was echter de komst van een RTL-team eind augustus voor te bereiden. Men gaat in de 5 uur show korte filmpjes uitzenden over Memisa-uitgezondenen, en wil daarmee het tropenwerk meer (positieve) bekendheid geven. Dit is zeker geen oproep om nu de 5 uur show dagelijks aan te zetten, of toch..., wordt vervolgd.

In juli is Koen ziek geweest. Hij kreeg een longontsteking en was een aantal dagen flink ziek. Altijd een extra zorg als gespecialiseerde medische zorg ver weg is of niet voor handen. Gelukkig knapte hij na de tweede antibioticakuur goed op. Zijn verjaardag op 21 juli en ook die van Florence hebben we klein gevierd.  Verjaardagen worden hier sowieso niet echt gevierd. De vele verjaardagskaarten, die ook nu nog binnen komen, geven veel gezelligheid aan de huiskamer.


Douwe heeft al veel vriendjes. Soms lijkt het wel een kinderklasje als de buurkinderen hier spelen. Ook de kinderen van 10 jaar kunnen zich prima vermaken met de puzzels en raceautootjes van Douwe. Zijn taal begint nu ook meer te ontwikkelen, soms heel grappig. Als iets het niet doet of stopt dan zegt Douwe dat “het batterijtje op is”, bijv. als hij klaar is met plassen, of als het ophoudt met regenen. Als daarna iets weer begint, dan is “het batterijtje weer opgeladen”, zoals toen hij een tijdje diarree had. Ook komen de eerste Twi en Engelse woorden in zijn taal. “How are you? I'm fine, thank you”. Maar ook Okyena (tot morgen) en Kokoko (klopklop). We zullen onze best moeten doen om het Twi ook snel onder controle te krijgen, anders begrijpen we Douwe straks niet meer. Misschien loopt het ook wel niet zo’n vaart en wordt hij juist onze Twi-leraar.

dinsdag 15 juni 1993

1. Dag jongens, ik kom zo terug. We gaan even naar Ghana.

Het was zover, dinsdag 15 juni vertrek naar Ghana. De koffers gepakt, veel overgewicht en om de zenuwen in bedwang te houden het zekere voor het onzekere gekozen om deels met de trein naar Schiphol te gaan. Misschien niet echt nodig geweest. We waren er op tijd en er waren weer veel mensen om ons uit te zwaaien. Het deed ons goed jullie nog even te zien en te weten dat jullie er voor ons zijn. Het inchecken ging goed. We hadden de tijd want er bleek een uur vertraging, i.p.v. 10 over 11 werd het 10 over 12. Uiteinde-lijk bleken er te veel mankemen­ten aan het vliegtuig en moesten we naar een andere gate waar een ander vliegtuig klaar zou staan. Half twee zouden we vliegen. Goed en wel in dit vliegtuig bleek een nooduitgang niet goed te zijn en die moest vervangen worden. Nog een uur later. Uiteindelijk gingen we om 3 uur de lucht in.

Het afscheid nemen is nooit leuk, maar na een aantal keer weggeweest te zijn weet je dat de tijd zo snel gaat. Voor je het weet zien we elkaar weer. Toen we door de douane waren, riep Douwe: “Dag jongens, ik kom zo terug. We gaan even naar Ghana”.

Ghana. Om 19.15 uur (lokale tijd = 21.15 Neder­landse tijd) landden we. De vlucht was verder goed verlopen. Alleen Douwe was wat ziek geworden.
Bovenaan de trappen van het vliegtuig kwam de vochtige warme lucht ons tege­moet. Ik kreeg meteen weer het vertrouw­de gevoel. Dit is Afrika.
We werden met een bus naar de aankomst­hal gebracht. Het was allemaal overzich­telijk en goed georganiseerd. Bij het wachten op de koffers kwam een porter ons vertellen dat Ton (de Nederlandse arts) op ons stond te wachten, samen met Sr. Lourdes en een driver. Al snel kwam Ton ook die ruimte in met nog een andere man van het vliegveld, die het zieken­huis in Foso goed kende. Er werd hier en daar met geld geschoven en we stonden binnen 5 minuten buiten. Daar was het een heksenketel. Als je niet iemand bij je hebt die je bagage onder z’n hoede neemt dan doen de tien­tallen anderen dat buiten wel. Als raven werd er op de koffers gedoken. Het ging goed. Zo snel mogelijk alles in de auto en wegwezen.


We zijn meteen op weg gegaan naar Foso. Even buiten Accra, wat gedron-ken om bij te komen en alles te verwerken wat er zo over je heen gekomen is. Na 3 uur rijden - vanwege de duisternis kan je niet snel rijden - waren we in Foso. Douwe en Koen waren in diepe slaap tijdens de rit. In Foso kregen we een broodmaaltijd van de Spaanse sisters. Vier aardige nog jonge vrouwen, die meteen op Douwe en Koen doken. Het was inmiddels 12 uur middernacht (2 uur Ned. tijd). We gingen naar ons tijdelijke huis op de heuvel met uitzicht over Foso, waar een gevulde koelkast stond en heerlijk gespreide bedden. Na een koude douche genomen te hebben vielen we om 1 uur in slaap.

De eerste dag hebben we regelmatig even geslapen. We waren behoorlijk gaar en met die warmte wil dat nog wel meer ver­moeidheid geven. Douwe was wat koortsig en had diarree (in Nederland opgelopen). Die stond de hele dag onder de douche als het aan hem lag. We zijn wel een beetje trots op hem, dat hij nu echt zindelijk is. Zelfs met die diarree wist hij snel bij de WC te komen.

De tweede dag, donderdag 17 juni, was een regenachtige dag. We zouden ‘s mor­gens het ziekenhuis gaan bekijken, maar er kwam steeds iets tussen, of het regende te hard of er kwamen mensen langs. Uiteindelijk hebben we ‘s middags het ziekenhuis gezien. We kregen een goede indruk. Het zag er goed onderhonden en schoon uit. De afdelingen liggen dicht bij elkaar, zodat het overzichte­lijk lijkt. Ik weet nog niet hoe het in de praktijk uitwerkt als het wat drukker is. We werden aan veel mensen voorgesteld, maar welk gezicht bij welke naam hoort weet ik nog niet. De mensen zijn wel erg vriendelijk hier. Van de nonnen krijgen we van alles toegestopt. We vroegen aan iemand in een barretje vlak bij het zie­kenhuis  waar we het beste groente kon­den kopen. Ze stuurde gelijk iemand op pad voor groente, fruit, uien en tomaten. We hebben die avond heerlijk gege­ven. Een soort spinazie, maar dat anders van smaak. Douwe en Koen vonden het ook lekker. Douwe moest wel even aan de smaak wennen toen het geen spinazie bleek te zijn. Hij wilde het eerst niet eten, maar toen we hem uitlegden dat het wel beter was te eten, dat hij anders ziek zou worden, zei hij: “Douwe wil niet naar het ziekenhuis, hoeft geen slange­tje in de neus”. Nou dan maar eten, gelukkig maar. Het ziekenhuis maakte een grote indruk op Douwe. Het was immers z’n eerste keer in het ziekenhuis. ‘s Avonds gingen we vroeg naar bed, omdat er geen elektrici­teit was.

Vrijdags zijn we met Ton naar Cape Coast geweest voor wat informele bezoekjes aan officiële instanties. Onze werkvergunningen / verblijfsver-gunningen zijn aange­vraagd d.w.z. die van mij (Florence) is al rond. Over die van Gerard wordt vol­gende maand uitspraak gedaan, maar ik heb begrepen dat dat alleen een hamer­stuk is. Alles lijkt heel voorspoedig te lopen. We hebben in Cape Coast wat bood­schappen gedaan. De keus was er erg beperkt, maar we redden ons nog prima. Groente is bet enige probleem. Hier in Foso is weinig groente te krijgen. Volgende week gaat Gerard naar Accra en zal daar wat inslaan voor de komende tijd.

Zaterdags zijn we met z’n vieren Foso ingegaan. Gerard had het leuke idee opgevat om Koen in de buggy mee te nemen. Nou dat gaf een bekijks. Sowieso al toen we daar de eerste dag liepen. Iedereen keek naar Douwe en Koen. Ze zijn toch min of meer een bijzonderheid als enige 2 witte kinder-tjes. Met die buggy helemaal. Kinderen zongen langs de weg en klapten in hun handen. “Broni Kakao” (blanke rijdt in de auto/kar). Volgende keer gaat Koen gewoon weer mee met de chitenge (draagdoek).

Hoewel het voor ons allemaal weer even wennen is, vooral wat de tempe-ratuur betreft, voelt het toch allemaal wel vertrouwd. Gerard gaat volgende week nog niet officieel aan het werk, vanwege de werkvergunning. Douwe moet z’n draai nog vinden, maar speelt wel elke dag met de kinderen uit de buurt. De eerst keer kwam hij teleurgesteld terug: “de kindjes hebben geen speelgoed…” Nu vermaken ze zich met stokken en stenen. Koen heeft veel last van de hitte, warmte bultjes op z'n lichaam en zit het lief­ste de hele dag in bad. Is zoals altijd even lief en vriendelijk naar iedereen en als het even kan wordt hij op de arm genomen en rondgesjouwd. Hij vindt alles best. Het liefst zitten Douwe en Koen in het badje lekker af te koelen. We hebben hier alleen koudstromend water. Dat is even wennen, maar na een dag of wat ben je daar helemaal aan gewend.

Deze brief is een beetje een dagboek geworden maar dat kan niet anders. Je wilt even wat indrukken kwijt en laten weten hoe het met ons de eerste dagen is gegaan. De eerste kaarten zijn binnen. In totaal 6, ze hebben er ca. 8 dagen over gedaan.

Nou luitjes tot schrijfs maar weer. Alle goeds.

vrijdag 31 januari 1992

0. Voorwoord 'Beste jullie boekje'

Voorwoord in 'Beste jullie boekje' van Roelof
Toen jullie in 1989 naar Afrika vertrokken was Zambia een front-line staat, waarin verzet werd georganiseerd tegen de apartheid in Zuid-Afrika. In november 1991 zijn jullie op vakantie naar Zuid-Afrika geweest. Belangrijke veranderingen waren begonnen. In afgelopen 3 jaar is er veel veranderd in de wereld. Belangrijk nieuws hebben jullie kunnen volgen via de Wereldomroep of BBC.

Het communisme in Oost-Europa is opgeheven. Beginnend met democratische verkiezingen in Polen in 1989 zijn achtereenvolgens de communistische regimes omvergegooid in Hongarije, Tsjechoslowakije, DDR en Bulgarije. Rond kerst 1989 werd Ceausescu in Roemenië afgezet. In 1991 ging Albanië open. Eind 1991 houdt de Sovjet Unie op te bestaan en valt uiteen in afzonderlijke landen. Op 7 oktober 1989 viert de DDR zijn 40-jarig bestaan, 2 maanden later 'valt' de muur en op 3 oktober 1990 wordt met de Duitse hereniging de DDR opgeheven. Ook in Joegoslavië barst het communisme met een bloederige burgeroorlog tussen Kroatië en de Servië, waarin geen einde in zicht is.

Ook in Afrika vonden belangrijke veranderingen plaats. Op 14 augustus 1989 zet De Klerk president Botha buiten spel, na een conflict over een voorgenomen bezoek aan Zambia Na de vrijlating van Sisulu wordt in februari 1990 Nelson Mandela vrijgelaten. Het ANC is niet meer verboden. Uiteindelijk wordt formeel de apartheid opgeheven, alhoewel er nog een lange weg te gaan is. Namibia wordt in 1990 onafhankelijk. In Zambia wordt de UNIP-partij van president Kaunda, na 25 jaar alleenrecht, verpletterend verslagen door de nieuwe partij MMD onder leiding van Chiluba

De 'Golfoorlog' was aanleiding tot veranderingen in het Midden Oosten. Nadat de legers van Sadam Hussein op 2 augustus 1990 Koeweit binnenvielen, raakte de halve wereld, onder aanvoering van Amerika, in het conflict betrokken. Amerika stuurde 500.000 militairen naar de Golf. Alhoewel er 's avonds raketten op Israël werden afgeschoten, blijft Israël buiten de oorlog. Na zware bombardementen capituleert Hussein in maart 1991. Onder leiding van Amerika en de Sovjet-Unie starten vredesonderhandelingen in het Midden Oosten. Een moeizaam proces dat ook jaren zal duren. De gijzelaars in Libanon werden in 1991 vrijgelaten.

In Nederland vinden geen wereldschokkende gebeurtenissen plaats. Een nieuw kabinet: Lubbers III, met CDA en PvdA. Een nieuwe, commerciële, omroep: RTL. Een nieuwe bank: ABN AMBO.

Kortom: "The world has changed'" Wat er niet veranderde zijn de problemen in Afrika, zoals de voedselschaarste, de kindersterfte, de schuldenlast en het AIDS-probleem. Hier is meer tijd voor nodig, maar vooral inzet en de wil van de wereld.

De periode 1989 tot 1992 zal in de geschiedenis blijven voortbestaan als 3 bijzondere jaren. Ook voor jullie persoonlijk. Een periode in Zambia, waarin jullie hard hebben gewerkt in het Chilonga Mission Hospital. Een andere wereld met andere normen en andere waarden. Een indrukwekkende periode. Op 13 september 1990 werd Douwe Mubanga geboren. Ook dit is een belangrijke verandering in jullie leven.

Bedankt voor de nieuwsbrieven, waarin jullie ons op de hoogte hebben gehouden van het reilen en zeilen in Zambia

zondag 26 januari 1992

20. Afscheid

We zitten nog even wat uit te rusten, voordat we naar Nederland komen. Mfuwe ligt in het South Luangwa National Park, niet ver van Mpika. In feite is het nog een deel van Mpika District. Om nu in de regentijd naar Mpika te komen, moet je bijna een week lopen. De wegen staan onder water en de rivieren zijn erg diep. Wij zijn eerst naar Lusaka gegaan, om van daaruit met het vliegtuig hierheen te vliegen. We kijken uit over een rivier met veel hippo's (nijlpaarden), die zo nu en dan even boven komen. Ze kunnen ook een enorm lawaai maken. Zebra's en impala's komen hier grazen en drinken en het stikt hier natuurlijk van de apen, die je 's ochtends vroeg wakker maken, wanneer ze over de golfplaten daken springen. Verder kunnen we twee keer per dag op safari en zijn er in het park (bijna net zo groot als Nederland) veel beesten, vooral olifanten, te zien.
Het is lekker om nog even bij te komen. De laatste dagen in Chilonga waren toch ook nog inspannend. Alle Bongers dozen moesten weer worden ingepakt. Spullen uitgezocht die met de handbagage, luchtvracht of weggegeven moesten worden. Verder hadden we twee afscheidsfeesten. De eerste op vrijdagmiddag voor de ziekenhuisstaf, zo'n 150 mensen. In een hal werd op z'n Zambiaans afscheid genomen. Voor in de hal een lange tafel, op een verhoging, waar wij achter moesten zitten. De speeches, de rumba-muziek en de sketches. Een feest is hier niet compleet zonder eten en drinken: nshima en katate. Om 6 uur waren al heel wat mensen dronken van de katate. Dit is een zelfgebrouwen bier van gierst. Het ziet er grijs uit en is niet m'n favoriete drank. Wel voor de Zambianen, want in drie uur tijd had men 140 liter katate opgedronken!
De volgende avond hadden we zelf een feest georganiseerd. Ook hier veel ziekenhuisstaf, verder mensen van de DDSP, een Engels ontwikkelingsprojekt, en ook veel niet uitgenodigde gasten. Alles bij elkaar zo'n 100 mensen. Ook hier geen feest zonder eten en drinken. We hadden een grote barbecue gemaakt. We kregen een geit kado van Dutch, een Engelsman. Verder hadden we worsten gekocht en spiesen gemaakt. Dit keer geen katate, maar mozi beer. Smaakt zoals Heineken, hoewel we die smaak al bijna vergeten zijn. Ook hier in korte tijd alles op. 10 kratten is natuurlijk niet veel voor zo'n feest. Ook alle andere drank wat nog in huis stond, zoals whisky, gin en Africoco was op het eind van de avond verdwenen. Het was een leuk feest, met ook hier sketches en afscheidsliedjes.
Maandagochtend 20 januari vertrokken we uit Chilonga. Ik denk dat we het nog niet goed beseffen. Het leven en de mensen hier zijn zo vertrouwd geworden. Als we in Nederland zijn zal het goed tot ons doordringen dat we weg zijn en misschien nooit meer terug komen.

In Lusaka stond me nog een ritje langs alle ministeries te wachten. Men zegt dat het moeilijker is om Zambia uit te gaan, dan Zambia in te komen. Begin januari was ik al een paar dagen bezig geweest. Alles bij elkaar denk ik dat m'n file zo'n 30 kantoortjes gepasseerd heeft. Het liep voorspoedig en we hebben nu onze tickets van de Zambiaanse overheid op zak. Alleen voor Douwe moeten we zelf betalen. Voor hem moesten we anders weer een procedure starten, omdat hij niet met ons het land binnengekomen was... Ik had geen tijd en energie meer om dat nog te doen. We zijn benieuwd wat ons straks in Nederland te wachten staat. Bureaucratisch zal het ook wel zijn, maar waarschijnlijk efficiënter.

Met een militaire helikopter mee naar de Luangwa Valley / Nabwalya
Terugkijkend over de drie jaar is de tijd omgevlogen. Ik had verwacht dat tijd hier langzamer zou gaan en had veel boeken meegenomen. Daar ben ik niet aan toegekomen. Dagen, weken en maanden waren zo voorbij. Dat is natuurlijk ook een goed teken, want we hebben ons hier geen moment verveeld. M'n werk is elke dag boeiend geweest. Het is teveel om allemaal op te noemen. Natuurlijk maken de operaties die je doet veel indruk, maar ook het vele andere werk. Op de valreep nog een video gemaakt over ons AIDS-programma en een jaarverslag van onze aktiviteiten.

Christene met Douwe
AIDS is iets wat je dag en nacht bezig houdt. Soms vanwege de patiënten die je hebt, maar ook vanwege de planning van aktiviteiten. De prognose voor de toekomst is zo angstaanjagend. Voor ons distrikt alleen verwacht ik dat tot het jaar 2000 10.000 mensen aan AIDS dood zullen gaan. Voor heel Zambia betekent dat zo'n 800.000 (10% van de bevolking). Soms word je met het AIDS probleem heel persoonlijk betrokken. Zo kwam ik in januari in een Rural Health Centre (gezondheidspost) Gerald Bwalya tegen. Ik was een beetje verbaasd om m'n naam hier meer dan 100 km van Chilonga terug te vinden. 
Florence met Gerald Bwalya
Het jochie bleek bijna op dezelfde dag als Douwe in Chilonga geboren te zijn en de ouders hadden besloten om hem Gerald te noemen. Hij was opgenomen met een luchtweginfektie. Een paar maanden later werd de moeder Christene opgenomen in Chilonga met open tbc. De behandeling hiervoor is twee maanden in het ziekenhuis en ook Gerald werd voor tbc behandeld. In juli kwam ik weer in dat Rural Health Centre en Christene was opnieuw opgenomen met continue koorts en was erg vermagerd. Ik heb toen met haar man gepraat en we besloten bloed af te nemen voor een HIV-test. Beide ouders waren positief en Christene overleed een paar weken later. In december werd Gerald weer opgenomen in Chilonga. Hij was toen 1 jaar en 3 maanden en nog geen 5 kg. Douwe was inmiddels al 11 kg. Toen we vorige week Chilonga verlieten was Gerald er nog steeds met z'n grootmoeder in Chilonga, maar er was weinig verbetering.
Onderhandelen over bloeddonatie
De afgelopen jaren heb ik heel wat afvergaderd en gepraat. Op den duur begin je dat wel aardig te vinden en zie je wel wat vruchten van je werk. Zo hopen we binnenkort ongeveer een half miljoen gulden te krijgen voor de verbouwing van onze verloskamers. Bouwen is heel duur geworden in Zambia. Veel materialen moeten tegenwoordig geïmporteerd worden. In de 'administration' kom je natuurlijk snel frustraties tegen. Eén daarvan is de zambianisatie, waarmee bedoeld wordt dat Zambianen de posten van de witten overnemen. Ik heb daarover verschillende botsingen gehad. De eerste met de nonnen, die daar eigenlijk niet over willen praten. Zambianisatie is een heel moeizaam en langzaam proces, wat ook zo weer omgedraaid kan worden. M'n voorstel om een Zambiaanse verpleegkundige op te nemen in het bestuur werd omgedraaid door m'n opvolger met als gevolg dat er nu een extra witte in het bestuur zit. Wel heb ik een Zambiaanse arts als opvolger gekregen.

Chilonga is een plek wat goed loopt. Je hebt de steun van de sisters en de staf. Met een kontrakt voor 3 jaar ben je natuurlijk maar een voorbijganger. Je stapt op een lopende trein en die gaat wel verder. Dit heeft het werk voor mij wel heel aangenaam gemaakt. Je hebt het gevoel dat het allemaal gesmeerd loopt, zeker als je je kollega’s in andere ziekenhuizen hoort en ziet.


Ook het leven hier was in veel opzichten prettig. Het klimaat erg aangenaam, mensen heel erg vriendelijk. We hadden een mooi huis tegen de heuvel aan. Prachtige natuur en vooral veel ruimte. Dit is iets waar we in Nederland weer aan moeten wennen: het op elkaar zitten. In het begin hebben we nog wel eens gedacht om terug te gaan naar Amsterdam, maar de laatste maanden benauwde dat steeds meer. Misschien dat wij ons na wat tijd wel weer aan zo'n drukke plaats aan kunnen passen; voor Douwe is dat denk ik wel anders. Hij is ook zo gewend aan de ruimte. Voor hem zal de overgang naar Nederland wel het grootst zijn. Hij zal Brendah en Noreen, de twee oppassen, wel heel erg missen, en wij natuurlijk hen ook, in veel opzichten.
We moeten ons in Nederland ook weer wat gaan oriënteren op wat er de afgelopen jaren gebeurd is. Een verenigd Duitsland, een uit elkaar vallend Sovjet Unie, een burgeroorlog in Joegoslavië. Toen we weg gingen leek Europa zo rustig. In 3 jaar tijd is daar heel wat in veranderd. We hebben dat hier op een heel verre afstand kunnen volgen. Nog steeds kijk ik nieuwsgierig en verbaasd naar de nieuwsbeelden, als we in Lusaka zijn.
Ondanks dat we aan Zambia gehecht geraakt zijn, kijken we toch ook wel uit naar Nederland. We willen een jaartje in Nederland zijn, voordat we op een volgend kontrakt uit gaan. We hebben nog geen vooruitzichten op een baan, dus voldoende tijd om de afgelopen 3 jaar bij te praten.
Tot slot: dit is de laatste nieuwsbrief. We vonden het heel leuk om ze te schrijven. We konden jullie zo op de hoogte houden en konden ook ons verhaal kwijt. Dit was alleen mogelijk door de steun van Roelof en Marga, die onvermoeibaar elke keer weer de brief hebben gekopieerd en rondgestuurd. Onze dank daarvoor.
Veel liefs
Gerard

19. Terugblik op 3 jaar Zambia

Dit is dan voorlopig alweer onze laatste rondzendbrief. Deze drie jaar zijn werkelijk omgevlogen. Eind 1988 de voorbereidingen voor vertrek, het afscheidsfeest en 21 januari 1989 het echte vertrek. Wat leken die drie jaar toen lang. Natuurlijk was er het gemis van familie en vrienden, vooral in het begin. Je wilt alles delen met thuis. Ook een halfjaar voor het aflopen van het contract is dat gemis weer sterker en als het dan zover is dan blijkt het afscheid nemen van Chilonga toch wel heel moeilijk.

Ik ben drie weken voor ons vertrek gestopt met werken om thuis de boel een beetje te regelen. Het nodige uitzoeken om mee te nemen en de rest om weg te geven en te verdelen. Daar gaat nog een hoop tijd in zitten. In de tussentijd mijmer je wat terug over de afgelopen drie jaar. Het werk, de mensen mijn collega's. Ik zal ze zeker missen. Ik weet nog toen ik begon op ward 3, de kinderafdeling, de indrukken die ik toen op deed. Je staat daar met je Nederlandse kennis als verpleegkundige, eerst gewoon maar even meedraaien om er in te komen. Bedden opmaken zonder lakens of schone dekens. Er was destijds een groot tekort. Inmiddels is dit gelukkig wel wat beter. Rare procedures bij wond verbinden, injecties geven etc. Meer dan 70 zieke kinderen op zaal met hun moeders erbij. Het leek allemaal zo onoverzichtelijk en dat was het ook. Een handicap was de taal. Al gauw leerde ik hoe ik de moeders binnen moest roepen voor medicijnen en de belangrijkste begroetingen. Er werd veel gelachen en mijn bemba werd aangemoedigd door de moeders. Ik had het geluk dat ik in mei een korte cursus cibemba kon volgen en daar heb ik toch wel wat aan gehad. Goed, ik heb natuurlijk nooit vloeiend bemba gesproken maar kon me aardig verstaanbaar maken waar het ging om het uitvragen van klachten en ook het verstaan van klachten vormde weinig problemen.



Op ward 3 heb ik Jane Shula leren kennen, een lachebek en altijd in voor een praatje. 
Ze kwam regelmatig bij ons thuis vaak om brood te bakken of om Bwalya haar zoontje met Douwe te laten spelen. Bwalya is 5 maanden ouder dan Douwe en was Douwe goed de baas. De laatste tijd was het dan ook altijd knokken omdat Douwe wat meer van zich af begon te bijten. Toen we net in Chilonga waren kregen we Bemba lessen van onze buren Isabel Nawale en Hilda Bwalya. Bij Hilda zijn we nog op haar bruiloft geweest in de Copperbelt waar ze nu woont en werkt. En Isabel heeft ons voor ons vertrek nog uitgenodigd voor een fantasties traditionele maaltijd, nshima met verschillende soorten vlees, vis, groenten. Jane en Isabel hadden op ons afscheidsfeest nog een leuk sketchje in elkaar gedraaid samen met nog wat andere verpleegkundigen.
Na de Bemba cursus kwam ik op mijn stek in de MCH (moeder- en kindzorg) terecht en werkte daar samen met Hildah Bwalya Katati, een andere Hildah Bwalya als bovengenoemde. Een vrouw van 42 jaar, 7 kinderen, lokaal getraind, werkt hier al 12 jaar en weet dus veel. Ik heb het altijd goed met Hildah kunnen vinden, maar ergerde me dood aan hoe weinig ze haar ervaring inschatte. Elke keer als er een nieuwe staf nurse op de MCH kwam liet ze het compleet over aan haar nieuwe ideeën. Dat gebeurde ook bij mij, totdat ik er achter kwam dat ze hier al zo lang was en dat ik haar ervaring wel wilde gebruiken om wat verder te komen. Ik heb er veel van opgestoken. Het is een leuk draaiend zaakje geworden, onze MCH. Maar zodra ik op verlof of op vakantie ging, ging er iets mis. Tekort aan vaccins, verkeerde registratie etc. Ik zei tegen Hildah: "Hoe kan dat nou toch steeds?". Zegt ze: "De staf nurse wist niet hoe ze het doen moest." "Maar jij toch wel?". "Ze heeft het mij niet gevraagd". Hildah vindt dat ze als lager opgeleide een staf niet kan verbeteren. Bij mijn overdracht heb ik de staf gevraagd vooral beroep te doen op de kwaliteiten van Hildah, omdat zij volledig op de hoogte is van alle MCH gebeurtenissen. Ik hoop dat dat goed gaat. 
Verder werkte ik daar met Maureen Simoonga, de health assistant. Maureen zag ik ook veel buiten mijn werk en ben erg op haar gesteld geraakt. We konden elkaar veel vertellen en voelden elkaar tot op zekere hoogte aan. Verder zijn er ook nog de zogeheten expatriates, de blanken. Ach je moet het maar net treffen met elkaar, je zoekt elkaar per slot niet uit. Wij hebben het voor het grootste gedeelte wel getroffen en voor een klein gedeelte niet.

MCH met rechts Maureen

Belangrijke gebeurtenissen in deze drie jaar is vooral de geboorte van Douwe. Je kunt je nu niet meer voorstellen dat wij hier ook een tijd zonder hem gezeten hebben. Zowel voor ons als voor hem is deze plek ideaal geweest. Zeker nu hij al lekker rond stapt. De grote tuin blijkt nog niet groot genoeg want vaak kunnen we Douwe bij Doreen terug vinden. Het is veilig genoeg om alleen op stap te kunnen. Er lopen ook genoeg mensen rond die hem weer terug zullen brengen. Dat zal wel een grote verandering voor hem zijn in Nederland. En ook voor ons want het betekent extra opletten.

Op dit moment zitten we uit te rusten in de Luangwa Valley. We zijn hier vanuit Lusaka naar toe gevlogen en komisch genoeg valt deze plek, Mfuwe onder ons distrikt. Daar moet je wel acht uur voor rijden en ruim een uur vliegen. Binnendoor is het zeker in de natte tijd niet te bereiken. We gaan om beurten op safari zodat één bij Douwe blijft. Gisterenavond ben ik op een nightdrive geweest. Het was zo ontzettend avontuurlijk. We hebben een luipaard gevolgd op zoek naar een prooi maar helaas werd zijn jacht verstoord door hyena's. Onze gids probeerde nog de hyena weg te jagen maar deze kwam steeds terug. De hyena neemt namelijk onmiddellijk de prooi van de luipaard af vandaar dat de luipaard niet zo jachtlustig meer was. We reden door en zagen honderden kleine lichtjes: de ogen van impala's, kudu's, zebra's, olifanten noem maar op en toen op eens een leeuw in de struiken. Er rustig op af. Op nog geen twee meter van onze open auto liep ze. Geen interesse in ons. We gingen overigens ook heel dicht naar de luipaard. Ik had al visioenen dat hij als alternatief ons zou nemen maar onze gids verzekerde me dat ze zelfs bang voor mensen zijn. Hoewel ik het allemaal heel leuk vond is safari niet datgene waarvoor we naar Afrika zijn gekomen. Twee Amerikanen die mee waren zeiden: "Dit is het echte Afrika, nu weet ik waarom mensen hier hun hart verliezen". Ik had een binnenpretje en dacht: "Wat zijn wij toch bevoorrecht om een stukje van het echte Afrika te hebben mogen mee maken en dat is zeker niet een paar dagen safari in de Luangwa Valley".

Misschien is deze rondzendbrief wel anders dan de andere brieven door het terugkijken op de laatste drie jaar en er kan natuurlijk nog veel meer geschreven worden maar veel beter is het om het jullie binnenkort allemaal persoonlijk te vertellen en hopen dat jullie een gewillige luisteraar zullen zijn.
Ik wil deze brief afsluiten om jullie allemaal te bedanken voor de goede ondersteuning die we van jullie gekregen hebben deze drie jaar. We hebben een koffer vol met brieven. Ik heb ze niet geteld maar ik denk wel een kleine duizend. Niet alleen voor de brieven maar ook voor de kaarten, pakjes, videocassettes, muziekcassettes, cassettepost (gesproken brieven), alle kadootjes voor Douwe, boeken etc. En niet in de laatste plaats willen we degene bedanken die ons persoonlijk hebben opgezocht zodat we een beetje ons leven en werk met jullie konden delen en er ook achter kwamen hoezeer we ons sociale leven in Nederland misten. 

  
Bedankt voor jullie aandacht voor onze rondzendbrieven, bedankt voor jullie support zonder jullie hadden we het niet zo makkelijk volgehouden. Want zoals ik wel eens eerder heb geschreven, keken we wekelijks uit naar de post er was altijd een vergelijk. "Had jij veel post deze keer?", of “Wij hadden veel?". “Nee, wij deze keer niet". "Zouden ze nog wel aan ons denken". En dan kwam er gelukkig weer een lading tegelijk. Zelfs de laatste week nog, een dag voor vertrek. Fijn om te weten dat jullie ook naar ons uitkijken.
Hierbij gaat onze dank ook direkt uit naar Roelof en Marga die heel wat tijd hebben besteed aan de rondzendbrieven en nog veel meer andere zaken. We voelden ons hierdoor erg op ons gemak, te weten dat alles goed geregeld wordt. Ook danken we jullie voor de financiële steun, we kunnen jullie verzekeren dat al het geld goed besteed is.
Bedankt en...
veel liefs
Florence

dinsdag 26 november 1991

18. Zuid Afrika, het verbodenland

Eindelijk vakantie. Dit jaar hadden we nog maar een weekje vakantie genomen. Nu weg van alle drukte in Chilonga; het betekende een begin van het echte afscheid, half januari. Bestemming: Zuid-Afrika, het verboden land. Toen we 3 jaar geleden in Zambia aankwamen was het buiten kwestie om naar Zuid-Afrika te gaan. Nu, via de informatie die we hier krijgen, lijken er veranderingen plaats te vinden. Het ANC is toegelaten en het ANC-hoofdkantoor van Lusaka naar Johannesburg verplaatst. Wel zijn er allerlei 'onderlinge' twisten en moordpartijen, zoals we in de kranten (Times of Zambia, NRC) lezen of via de wereldradio horen. Het is toch moeilijk om daar een voorstelling van te maken als je geen beelden ziet. Alleen in Lusaka zien we soms TV. Zelf was ik daar al 4 maanden niet geweest, Florence 6 maanden niet. Begin dit jaar begon toch plotseling het idee te leven om, nu we zo dicht bij Zuid-Afrika zijn, daar heen te gaan.
Het was spannend in Zambia, omdat de verkiezingen voor de deur stonden. Spannend hoe de auto zich zou gedragen. Na bijna 3 jaar heeft de Renault allerlei vermoeidheidsverschijnselen en de afwezigheid van reserve-onderdelen laat zich nu merken. Een koplamp ligt eruit, nadat ik een hond ha aangereden. Verder slaat de motor na een paar 100 km vanzelf af. Men zegt dat het een soort 'air lock' is. Het ontbreken van deskundig advies maakt je een speelbal van de monteur. In ieder geval gingen we met veel goede zin op 26 oktober op pad. We reden in twee dagen naar Lusaka. Natuurlijk lag daar nog ziekenhuiswerk en moest ik naar NORAD, de Noorse ontwikkelingsorganisatie, om geld binnen te slepen voor een verbouwing in het ziekenhuis. De auto stond een dag in de garage. De koplamp kon niet vervangen worden. Wel werd de benzinepomp eruit gehaald en vervangen. Men zei dat dit het euvel was... In de hotels wemelde het ondertussen van de journalisten. Sommige komen net uit Zaïre, waar bijna een burgeroorlog staat te beginnen. 's Avonds zien we op het nieuws hoe blanken uit Zaïre de grens overgaan naar Zambia.
In Zambia lijkt het allemaal gespannen rustig. Met een leger journalisten en ex-president Carter, van het verkiezingswaarnemingscommittee, moet het toch fair verlopen. Wij hebben gekozen om toch maar voor de verkiezingen het land uit te zijn. Je weet maar nooit, misschien gaan de grenzen wel dicht en valt onze vakantie in het water!
Op 30 oktober gingen we op weg naar Vic Falls (Zimbabwe). Nog een beetje namijmerend over het werk. De laatste week was druk geweest om het werk over te dragen. Vaak tot diep in de nacht. Per 1 november is Djurre medical superintendent. Nu eindelijk los van m'n werk. Voor het eerst zit ik weer gewoon aan andere dingen te denken. De dagen in Vic Falls staan dan ook in het teken van het uitrusten. Veel slapen en liggen bij het zwembad. Lekker eten in de luxe hotels. Verder ook in het teken van de verkiezingen. Via de TV volgen we op 1 november, de dag na de verkiezingen, de uitslagen rechtstreeks. Ook Mpika komt door: MMD/Chiluba 8000, UNIP/Kaunda 600. Aan het eind van de dag lijkt het wel duidelijk. Kaunda verliest dik en Chiluba zal de nieuwe president zijn. Zal KK het allemaal zo gemakkelijk accepteren of staat er nog iets te wachten? Chiluba werd de volgende dag geïnstalleerd als de nieuwe president en het bleef rustig. Bij de grenzen die we de volgende dagen passeerden was dit altijd het gesprek. Uit Zambia? "How is Kaunda?"
De reis verloopt verder zonder problemen, via Bulawayo (Zimbabwe) naar Gabarone, de hoofdstad van Botswana. Op de hotelkamer de eerste konfrontatie met de programma's van de Zuidafrikaanse TV (Bop TV - de zwarte zender en TV1 - de witte zender). Veel over de staking op de 4e en 5e november, vanwege de BTW op levensmiddelen en medische diensten. Raar om alle reklame en TV-series :in het Afrikaans te horen. We zagen ook het nieuwe gezicht van Shell. Het zoontje van de baas (wit) speelde met het zoontje van de pompbediende (zwart).
We kwamen Zuid-Afrika binnen via de 'Republiek Bophuthatswana'. Een gebied door Zuid-Afrika als onafhankelijke staat verklaart, maar nergens ter wereld erkend. Bophuthatswana bestaat uit 7 'eilandjes' in Zuid-Afrika. Naast Bop zijn er ook nog Ciskei, Transkei en Venda. In deze gebieden wonen 5 miljoen zwarten, die een 'eigen regering' hebben. Doordat ze niet tot Zuid-Afrika behoren, delen ze ook niet mee in de weelde van dit land. Deze landen zijn maar dorre gebieden. Naast deze 4 'landen' zijn er ook nog 6 thuislanden, waaronder kwaZulu (van Chief Buthelezi). Ook deze hebben een eigen kabinet, verantwoordelijk voor het gebied. Zuid-Afrika noemt zich een Unie van 4 provincies: Transvaal en Oranjevrijstaat, ooit zelfstandige Boere (Afrikaner) Republieken en Natal en de Kaapprovincie (overwegend Engels).
Zuid-Afrika is een land van kontrasten: tegenstellingen tussen wit en zwart, rijk en arm. Ook dit zal een zwart-wit verhaal worden. Het was al snel duidelijk waar we waren. Grote stukken akkerland, met sproei-installaties. De zwarte knechten op het land, op de traktoren. Hier en daar een grote hoeve waar Mnr. Botha en Mnr. Potgieter woont. Op een paar honderd meter de vervallen huizen van de zwarte knechten. De hele infrastruktuur ten gunste van deze grote Boeren; goede wegen, spoorlijnen langs de dorpen waar grote graan silo's staan, elektriciteitsdraden die alleen maar naar de boerderij gaan en niet naar de andere huizen. Het is wel duidelijk wie hier het werk doen en waar het geld naar toe gaat.
De eerste nacht overnachtten we in Lichtenburg (Transvaal). Bij de bank was alleen de jongste bediende, die de prullenbakken schoonmaakte, zwart. In alle winkels wit personeel. Veel van deze dorpen zijn volledig wit. De zwarte mensen wonen vaak tegen het dorp aan in krotten. Tot voor kort was het verboden voor zwarten om in de blanke wijken te wonen. Nog steeds onmogelijk omdat ze niet het inkomen en de banen hebben om de huizen te betalen, en dan nog… Raar ook als zwarte mensen in het Afrikaans tegen je praten. 'Waar is oe kamer, meneer?" en 'Dankie, Baas".
's Avonds zaten we nog een avondje aan de TV. Veel aandacht voor het "krieket" team dat na 21 jaar isolatie weer in het buitenland speelde. Maar er werd geen reden genoemd waarom ze 20 jaar waren uitgesloten. Verder natuurlijk over de BTW en de Staking. Een felle live-discussie tussen regeringsman Piet Coetzer en Cosatu (vakbonds)vertegenwoordiger Jay Naidoo. De eerste draaien, beschuldigen, intimideren, de andere scherp en erg politiek. Dat dit voor Zuid-Afrika ongewoon was, bleek de volgende dag toen alle verhitte reakties in de krant stonden. ("Als ik mnr. Naidoo 's avonds in een steegje tegen kom…)
De volgende ochtend werden we beiden wakker met een kater. Alle indrukken (de zichtbare ongelijkheid, het Afrikaans, etc.) maakte het niet aangenaam om hier te zijn. We vertrokken uit dit boerendorp naar Johannesburg. Een totaal andere wereld. Hoge wolkenkrabbers. Op de 43ste verdieping van een gebouw kreeg ik een adres van een kamping waar we een aantal nachten stonden. We konden de nodige reparaties in Jo'burg doen. De videorecorder was na 1 dag gerepareerd en een nieuwe koplamp werd er in een uurtje ingezet. We konden erop wachten. Witte efficiency dus?! De mensen (wit) waren allemaal heel erg vriendelijk, maar achter onze rug werden de zwarte hulpen uitgekafferd.
In een groot winkelcentrum (soort Hoog Catherijne) keken we onze ogen uit. Alles aanwezig. Douwe werd helemaal hyper bij het zien van zoveel beren en ballen. In Mpika wijs je normaal de schaarse artikelen achter de toonbank aan, die je wilt kopen. Douwe zal wel een grote culture shock doormaken als we naar Nederland gaan.
Zondags was er een marathon in Soweto. Het begon om 6 uur 's ochtends. Het was erg gezellig daar, een heel andere atmosfeer dan in de witte wijken. Veel mensen maakten een praatje en vaak hoorde je dat men moe was van al het geweld.
We wandelden een paar dagen in de bergen (Drakensberg) en gingen we naar Durban (Natal), aan de kust. Grote boulevards met veel fast food en andere restaurants. Helaas regende het veel. Een lange strandwandeling of zwemmen in de oceaan zat er niet in. Ik ontmoette Vicci, een vrouw, die ik in mei tijdens een AIDS-Conferentie in Zimbabwe had ontmoet en kon iets van hun programma zien. Een programma van het Ministry of Health, maar voor wie? De Natalse gezondheidszorg en AIDS-aktiviteiten hebben weinig te doen met 'Zululand', wat ook in Natal ligt. Zij hebben hun 'eigen' gezondheidszorg. Ook de gezondheidszorg is door het systeem opgedeeld in 'wit' en 'zwart'. Zij zag het grootste probleem voor de toekomst om het versnipperde land weer bij elkaar te brengen.
We verlieten Durban in de stromende regen, naar het Umfolozi wildpark, waar veel neushoorns (rhino's) waren. In Natal was de sfeer anders dan in het noorden. Een groot zichtbaar verschil zijn bijv. de namen van plaatsen. Gingen we in Transvaal over de rivier 'Onderbroek', in Natal kom je namen tegen als Umzimkulu, Empangeni, etc. Andere plaatsnamen in Transvaal: Ermelo, Amersfoort, Middelburg, of Geluk, Vrede, Welkom en Vryheid, maar ook namen als Kaffersdorp, Whites en Swartplaas. 
Via de Oostkustroute reden we naar Swaziland. Een bergachtig landje ongeveer de helft van Nederland.  Aan het hoofd van het land staat King Mswati III, 23 jaar jong. Een van de 600 kinderen van de oude koning Sobhuza II, die in 1982 na 60 jaar koningschap doodging. Het land heeft 800.000 inwoners. Ekonomisch is Swaziland volledig afhankelijk van Zuid-Afrika. Zelfs de munteenheid, de Lilangeni is aan de Rand gekoppeld en omwisselbaar. Het heeft dezelfde koers. We bleven een nacht in Manzini en Mbabane, de twee grootste plaatsen, zoiets als Ermelo of Bussum. Mensen waren ontzettend vriendelijk en open. Iets wat we in Zuid-Afrika gemist hadden. Daar waren mensen schichtig en keken je niet aan. Hier was dat heel anders. Douwe verdween met een van de bedienden de keuken in en had grote schik.

Via het noorden gingen we Swaziland uit en de 'Kruger Wildtuin' in. Alles wat we graag wilden zien, zagen we daar. Olifanten langs de kant van de weg, groepen leeuwen, honderden zebra's en giraffen, hyena's, struisvogels, etc. Steevast in gesprekken met Afrikaners kwamen dezelfde twee vragen naar voren. “Is er veel game (wild) in Zambia?" en "Verdient het goed als arts in Zambia?". Apartheid werd door hen vaak om verschillende reden wel verworpen, maar nog steeds met racistische ondertonen. Ekonomische motieven hebben sterk meegespeeld om apartheidswetten op te heffen. De sankties hebben hun nut wel bewezen. Ook werd gezegd dat het niet goed was de zwarten geen (goed) onderwijs te geven. 70% is analfabeet. Een gevolg wordt is dat er grote families ontstaan, (met een stille angst voor het toenemend percentage zwarten). Door sommigen wordt AIDS als verlossing gezien voor (Zuid) Afrika. Het zal het bevolkingsprobleem oplossen.
AIDS wordt door de Afrikaners Vigs genoemd (verworve immunogebreksindroom). Ook veel andere vreemde woorden hebben hier een Afrikaanse naam gekregen. Zo heet de Miss World verkiezing Mej. wereld wedstryd, zijn drugs dwelms en speel je geen squash maar muurbal, We verlieten het Krugerpark en na nog een nachtje op een woonwakamp (Caravanpark) reden we Zimbabwe in, waar we nu nog zijn. Zimbabwe doet ons weer aan Zambia denken. Het gemoedelijke en vrolijke van de mensen hier, maar ook het 2 uur wachten in de rij bij de douane om de grens over te komen.
Zuid-Afrika heeft ons wel geschokt, met nog zoveel racisme en tegenstellingen. De wetten van apartheid zijn dan misschien afgeschaft, apartheid is nog overal aanwezig. Het zal nog jaren duren, en heeft nog heel wat nationale en internationale druk nodig, om apartheid weg te krijgen. Apartheid en racisme is echter ook in de mensen zelf en die veranderen niet zo snel, zeker niet in Zuid-Afrika.
Onze vakantie was niet een 'speurtocht op zoek naar beesten', zoals een Nederlands echtpaar vertelde, die tien dagen Zuid-Afrikaanse wildparken bezocht. Wat dat betreft kan je het perspectief snel verliezen. Een witte Zuid-Afrikaan uit Durban, die olifantjes schilderde, vroeg zich af of zwarten ooit zo’n park (Kruger) konden stichten en onderhouden (geasfalteerde wegen, airconditioned kamers). Het is maar wat je belangrijker vindt: wilde beesten of zwarten. Dat kan je ook afvragen als je hoort dat 'stropers' zonder pardon doodgeschoten worden.
Tot slot nog een artikeltje over Zuid-Afrika en de Olympische Spelen. Grote opschudding hier omdat het Olympische Committee een neutrale vlag en een neutraal volkslied wil gebruiken. De Afrikaners willen hun vlag 'Springbok' en volkslied 'Die Stem' tijdens de Spelen zien en horen.

Zimbabwe

maandag 28 oktober 1991

17. What's in a name?

Kinderen tijdens de viering van 25 jaar onafhankelijkheid van Zambia
Deze rondzendbrief wil ik jullie graag vertellen over de gevarieerdheid van namen die je hier tegen komt. Ik weet nog dat ik in het begin echt verbaasd was over de meest gekke namen en hoe komen mensen erop. Alles kan. Nu na zo’n 2½  jaar ben ik al zo gewend geraakt aan al die namen dat ik toen ik door het recordsboek ging, ik soms wel eens moest denken: "is dat wel zo’n rare naam?" Sommige namen zijn niet raar maar juist heel opmerkelijk of hebben een uitleg nodig waar ze vandaan komen. Ik heb wel aan mensen gevraagd hoe ze erop waren gekomen om hun kind zo te noemen. Vaak gaat het samen·met het gebeuren rond de bevalling en soms vinden ze het gewoon een mooi woord of naam. Soms vernoemen ze en ook hier ziel je hele opmerkelijke namen.
Ik heb wel eens geschreven dat Zambianen de letter R en L door elkaar halen wat overigens ook soms de grappigste verwarringen geeft. Ook in namen vind je dit terug. Zo is onder andere de naam Erik hier populair maar dan Elicki of wat van de bekende naam Erasmus die helemaal verbasterd wordt tot Elasimous. Sabrina, dochter van Hedie en Rene, wordt Saboelina genoemd. Zo heet Gerard Gelald, Gerald of Geraldie en ik Florensie. Verder heb je namen die uitdrukken wat men voor het kind voelt, als Happiness, Happy, Precious, Beauty, Golden, Gift, Given, Bright, Thank you, Trust, Patience, Innocent, Hope, maar ook Hopeless, Lucky, Mercy en Silly zijn veel voorkomende namen.
Bij de groep bekende namen zitten een paar heel opmerkelijke. Oordeel zelf! In de categorie muziek: Ben Crosby of gewoon Crosby, Beatle, Schubert. Leiders of presidenten: Reagan en Kennedy scoren hoog, maar er zijn zelfs enkele Hitlers. Als wij zoiets zien dan ben je toch een beetje geschokt. Hoe komen mensen erop? ''Nou, gewoon een mooie naam", of "dat was toch een groot leider?" Het andere kind blijkt Caesar te heten, maar dit omdat het met een keizersnede werd geboren. Ook Cleopatra's en Penelope's lopen hier rond. Verder zijn er een Walles en Wallis, vernoemd naar Frits Wallis die hier twee jaar geleden nog werkte. Een student nurse vertelde me laatst dat haar jongste broertje vernoemd is naar een Nederlandse pater die heet 'Verkley". Dan heb je ook nog de kinderen met namen als Wounded, Abscess, Scar, Trouble, Problem, allemaal problemen die de moeder ondervond tijdens de bevalling.

Een naam geven is hier ook zo anders dan in Nederland. Dat zoek je meestal zorgvuldig uit en zo heet je dan meestal voor de rest van je leven. Hier gaat het om de Engelse naam. Het kind heeft ook nog een navelname, gegeven door de vader of grootouders. Deze naam staat vast maar wordt over het algemeen niet gebruikt. De Engelse naam kan ook weer veranderd worden door de ouders of later door het kind. Ik was eens in een vrij geïsoleerd gebied voor een vaccinatiecampagne en daar werden soms de namen ter plekke verzonden. Zo was daar een Typewriter en een Simondriver, vernoemd naar een chauffeur van ons ziekenhuis. Onder de categorie wasmiddelen hebben we nog een Persilly en een Silani (overigens onbekende merken hier) en bij na vraag kwam Persilly van een bekende popzanger uit Amerika. Dit blijkt Elvis Presley te zijn. Je raakt zo aan namen gewend dat je echt niet meer weet of ze nou echt wel zo vreemd zijn. Vind je niet?

Ieder jaar wordt hier in het droge seizoen al het gras afgebrand. Meestal gaat dat gecontroleerd, maar soms loopt het uit de hand. De reden van deze aktie is uiteenlopend. Sommige zeggen om de slangen te verjagen en andere doen het weer voor de eetbare rupsen. Die zouden beter gedijen. Hoe dat werkt is me niet helemaal duidelijk. Zo stond begin september (erg laat in het jaar) de heuvel achter ons huis al 3 dagen te fikken. Normaal branden ze eind juni tot half augustus, maar hoe later in het seizoen hoe droger en hoe beter het brandt, is de theorie en helaas ook de praktijk.
Het was zondag. We hadden een vrij weekend Onze auto was kapot dus konden nergens heen. Er stond een flinke wind en je hoorde het vuur knapperen. Af  en toe even kijken vanuit de tuin, want het is altijd wel een mooi gezicht. Gerard maakte nog video-opnames. We hadden het idee wel safe te zitten. Elk jaar was het nog goed gegaan. De brandgang om de tuin werkte altijd dus met het volste vertrouwen keken we naar de fires. Totdat het echt dichtbij kwam. In een mum van ·tijd stond de grasomheining van ons huis te fikken en verschroeide onze groentetuin. De citroenbomen en de mangoboom stonden ook te fikken. Angstaanjagende torenhoge vlammen. Ik ben met Douwe weggegaan om wat hulp te halen. Mr. Chandwe kwam met een blusapparaat en kon nog net op tijd voorkomen dat ons huis ook in vlammen op zou gaan. Van alle kanten kwamen mensen aangerend. Het huis was al bijna leeggehaald. De waterdruk is heel erg laag in deze tijd, bananen bladeren werden afgescheurd om het vuur uit te slaan. Anderen liepen met emmers water om de brand die inmiddels verder ging te controleren, richting Doreens huis en de andere kant naar de Siccamas en de Zambiaanse nonnen. Toen alles weer onder controle was begon Gerard weer video-opnames te maken. Later hoorden we dat de mensen in het dorp hadden gezegd: "De dokter was een beetje raar, stond foto's te maken".
Inmiddels staat alles weer in huis met hier en daar wat schade. Ook om de tuin staat weer een nieuwe grasomheining, want het is toch een heel triest gezicht zo'n hele vlakte verschroeide aarde. De groentetuin hebben we niet meer opgebouwd. We eten nu onze vriezer leeg en halen wat uit de tuinen bij onze buren of kopen op de markt wat voorradig is.

Voorlopig zitten we even niet in Chilonga. We staan op het punt om 5 weken op vakantie te gaan. Het wordt een spannende reis door Zimbabwe en Botswana, naar Zuid-Afrika, Lesotho en Swaziland. We hopen jullie daar onze volgende rondzendbrief over te kunnen schrijven. Momenteel zitten we in Lusaka en hopen morgen de auto in orde te krijgen en gaan dan voor 31/10/91 het land uit. Dan zijn er verkiezingen en niemand kan voorspellen hoe het gaat lopen, maar laten we hopen dat het niet op een burgeroorlog uitdraait zoals in Zaïre, onze buren.

Ook nog even over Douwe schrijven hoor, want jullie willen ook vast wel weten hoe het met hem gaat. Inmiddels al weer ruim een jaar. Erg ondernemend, loopt al stevig rond. Je moet hem goed in de gaten houden, want hij is zo weg. Laatst vond ik hem voor de deur bij onze overburen, de Zambiaanse verpleegkundigen. Daar woont Jimmy, die is bijna een jaar ouder en die twee kunnen het wel met elkaar vinden. Ook kletst hij de oren van je hoofd. Niet duidelijk wat hij ons te vertellen heeft, maar als hij iets wil dan weet hij zich goed begrijpbaar te maken. De begrippen "nee" en "niet doen" zijn onvermijdbaar in z'n leven doorgedrongen. Zeker als je ergens op bezoek bent. Verder heb ik er veel bewondering voor hoe goed hij zich houdt tijdens de lange afstanden reizen. Als wij al lang gaar zijn, loopt Douwe nog vrolijk rond te stappen en heeft ons nog het een en ander te vertellen.

Nou mensen, wij gaan vakantie houden.