zaterdag 25 juni 2016

Brexit in Bratislava

Hvar, kasteel in Bratislava
Groot ongeloof en ontreddering bij de Britse deelnemers aan het Europese tuberculosecongres in Bratislava, bijna allemaal tegenstanders van een brexit. Vrijdag werd in elke presentatie wel een verwijzing gemaakt naar het vertrek van Engeland uit de EU. Ik had al een dia in mijn presentatie over samenwerking tussen onze landen, met als voorbeeld een patiënt met multiresistente tuberculose die terugkwam naar Nederland ‘to enjoy’ onze goede tuberculosevoorzieningen. Met de brexit ligt het niet voor de hand dat er nog vrij verkeer is van immigranten en patiënten. Veel grapjes ook over de gevolgen van de brexit. Een Engelsman vroeg op het terras of hij nog met ponden kon betalen. Bizar te bedenken dat als je vrijdag geld trekt je ineens 10% meer moet betalen van je Engelse rekening dan een dag eerder. Toestanden die ik in Afrika heb meegemaakt maar niet in Europa had verwacht. Een dag eerder had ik een Engelse spreker er nog op gewezen dat haar gegevens niet het United Kingdom betrof maar Engeland. Het denken in Engeland is nog als ‘Verenigd Koninkrijk' (zoals vroeger de Commonwealth/het Gemenebest), maar de gevolgen van de brexit zijn nog niet te overzien voor de 4 landen die verenigd zijn. Schotland’s nieuw referendumwens voor onafhankelijkheid was al aangekondigd. Uittreden uit het Verenigd Koninkrijk betekent ook direct dat de Queen niet meer de ‘bazin’ is van Schotland. Ze heeft daar nog een leuk optrekje wat ze dan maar van de hand moet doen. En Sinn Fein ziet kans om Noord-Ierland nu weer of eindelijk met Ierland te verenigen. Cameron heeft hoog spel gespeeld en er een zooitje van gemaakt.
Uitzicht van Hvar op de Donau en de U.F.O. toren

Je kunt ook aangehaakt een buitenommetje maken
Deze week was ik aan de andere kant van de EU en zie je de verworvenheden van Europese samenwerking. Slowakije is een land dat zich tot 1989 achter het ijzeren gordijn bevond, en toen met Tsjechië samen Tsjechoslowakije vormde. Het klinkt anno 2016 erg retro. Dat was ook de bedoeling van de ‘post socialist tour’ die we maakten. In een oud Skoda-busje nam Peter, een 34-jarige Slowaak, ons en twee jonge Canadezen mee langs historische plekken en vertelde over zijn herinneringen. Als kind vroeg hij wat er aan de overkant van de Donau was (Oostenrijk), maar zijn vader vertelde hem dat hij daar niet naar toe kon en er maar beter niet naar kon vragen. Vandaag kun je maar weinig meer terugzien van die tijd. Daarom had hij een Albelli-fotoalbum met zwart-witfoto's om toeristen nog wat van die tijd te tonen. Zichtbaar genoot Peter er zelf van om de historie te kennen, vast te houden en over te dragen. We kregen ook een flesje cola en een reep zoals dat in die tijd gemaakt werd als tegenhanger van Coca-Cola en Mars. Exota Cola is trouwens in Nederland ook weer te koop... Peter en z’n broer hebben nu samen 5 Skoda’s waar toeristen mee rondgereden worden. Ik vertelde dat de auto en de doorgezakte bank me deed denken aan m’n 2CV’s. Ook het schakelen – met het overslaan van de versnelling – en de startproblemen kwamen me bekend voor. Ook allemaal verleden tijd.

Ik had me maandag verheugd op de voetbalwedstrijd Slowakije-Engeland. Dat zou toch wel een volksfeest worden! Met moeite vonden we een gezellig terras met groot beeldscherm. Misschien waren wij nog wel de fanatiekste aanhangers van het Slowaakse team. Strompelend bleven ze overeind en omdat de Engelsen ook niet alles gaven, eindigde de wedstrijd in 0-0. De Slowaken door naar de tweede ronde. Deze historische gebeurtenis had geen betekenis in Bratislava. Het leven daar wordt niet beheerst door de voetbalmania.
Peter Sagan, wel een hero op de billboards
Bratislava is dichter bij dan je denkt. Ik wilde eerst een ticket boeken naar Bratislava vliegveld, maar kwam steeds hoge prijzen tegen, totdat ik erachter kwam dat je naar Wenen moet vliegen en in 45 minuten met een bus naar Bratislava reist. Als je een avontuurlijkere tocht wilt maken, kun je ook met een catamaran van het centrum van Wenen over de Donau naar Bratislava. De afstand tussen beide steden is slechts 65 kilometer. Ook Boedapest en Praag liggen in de buurt. Allemaal nu eenvoudig bereikbaar, dankzij de EU. 
Twincityliner brengt je van Wenen naar Bratislava


zaterdag 30 april 2016

Seoul, Zuid-Korea

Gangnam Style is het eerste internetfilmpje dat meer dan 1 miljard keer werd bekeken. En ik ben vandaag de 2.564.702.269e bezoeker van het YouTube-filmpje van PSY. Zuid-Koreaanse muziek met plotseling wereldwijde bekendheid in 2012. Ik had het filmpje wel eens gezien op tv, maar net terug uit Zuid-Korea wilde ik het nog wel eens bekijken. De uitstraling van een snel veranderende maatschappij. 
Net 11 uur vliegreis achter de rug. Ik vertrok vannacht om 1 uur uit Seoul – in Nederland was het toen nog 6 uur ’s avonds – en was vanmorgen om 5 uur op Schiphol. Nog steeds donker. De terugreis was een uur langer dan de heenreis omdat we nu met de draaiing van de aarde meevlogen. Ik zag tegen de lange zit en een jetlag op maar het valt tot nu toe mee.
Eerst maar eens verkeerstheorie-rijexamen doen, voordat je zelf aan het verkeer deelneemt in Korea.
Enig idee wat dit is? Het hangt naast de toiletpot. En als je op de wc gaat zitten gaan er lampjes branden en verwarmt de bril zich.
Ik was in Zuid-Korea vanwege een bijeenkomst van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) over ‘latente tuberculose-infectie (LTBI)’. Het verschil tussen tuberculose en LTBI is, dat mensen met tuberculose ziek zijn van de tbc-bacterie, hoesten, vermagerd zijn, de “tering” of “vliegende tering” hebben en mensen met een LTBI alleen besmet zijn en nog geen klachten hebben. In de nieuwe plannen van de wereld wordt veel meer aandacht besteed aan het opsporen en (preventief) behandelen van infecties. Ik ben vicevoorzitter en sinds de Korea-meeting voorzitter van de WHO Task Force on LTBI. Een spannende onderneming.
 
Kies je menu
Beef soap, met gefermenteerde kool (kimshi), radijs en rijst
De Zuid-Koreaanse tbc-bestrijders kwamen zelf met het voorstel om deze bijeenkomst te ‘hosten’ en betaalden de vluchten en overnachtingen van de meeste deelnemers. Ook die van mij. De ambities van Zuid-Korea werden snel duidelijk na de presentatie van het hoofd van het tbc-programma. Zuid-Korea heeft de laatste tientallen jaren een enorme economische groei doorgemaakt. Samsung smartphones en tablets concurreren stevig met de Apple iPhones en iPads. In onze huiskamer hangt ook een groot Samsung-beeldscherm aan de muur. Zuid-Korea hoort inmiddels bij de OECD (OESO) landen, het samenwerkingsverband van rijke economische landen, maar heeft als enige OECD-land nog een groot tbc-probleem. Zuid-Korea heeft drie keer zoveel inwoners als Nederland, maar 50 keer zoveel tbc-patiënten. Totaal 35.000, waarvan 2.000 per jaar overlijden. En daar wil men wat aan doen. Men gaat nu elk jaar de 15-jarige scholieren en 40-jarigen onderzoeken met een huidtest (vroeger de “krasjes” in Nederland) op LTBI, miljoenen mensen. Ik verwacht dat het snel effect heeft op de tbc-cijfers.  
Ik mocht ook een presentatie houden over hoe wij deze (LTBI) infecties monitoren en evalueren. Nederland heeft een tamelijk uniek systeem en is in veel opzichten een voorbeeldland in de tbc-bestrijding in de wereld.
Na twee dagen presentaties en discussies was er gisteren een rondleiding in het tbc-ziekenhuis. De Ghanese deelnemer wilde de ‘pillcount’-machine wel kopen die de dagelijkse pillen van patiënten in kleine plastic zakjes stopt; in Nederland heet dat een Baxterrol. Het ziekenhuis had ook een mobiele röntgenbus voor de screening van daklozen, zoals wij in Rotterdam hadden. De Armeense collega die zijn bloeddruk al had laten meten, wilde wel als vrijwilliger op de röntgenfoto. Hij heeft weer een volledige health check achter de rug.
Logo op de rontgenbus
’s Middags bezochten we het Changdeokgung Palace, een van de paleizen van de Joseon dynastie. Zij bestuurden vijf eeuwen lang Korea, totdat Japan het land in 1910 annexeerde. Na de Tweede Wereldoorlog en de capitulatie van Japan werd het land opgedeeld in een noordelijk, onder Sovjet-Unie bestuur, en een zuidelijk deel, onder verantwoordelijkheid van de Verenigde Staten. In 1948 werd die tweedeling definitief met de vorming van een democratische republiek (Zuid-Korea) en een socialistische volksrepubliek (Noord-Korea). Twee jaar later viel Noord-Korea het zuiden binnen en had op bepaald moment 90% van het land in handen, maar door tussenkomst van geallieerden werd Zuid-Korea bevrijd. De Koreaanse oorlog duurde drie jaar waarbij 2 miljoen doden vielen, waaronder een ½ miljoen in Noord-Korea door Amerikaanse bombardementen met napalm. De spanning tussen beide landen is nooit meer weggeweest en na 63 jaar nog steeds aanwezig. Grotere tegenstellingen tussen twee (buur)landen kom je volgens mij niet tegen in de wereld. 
De Zuid-Koreanen hebben een supervriendelijke indruk op me achtergelaten. Een hardwerkend trots volk, met veel humor. Toen de eerste groepsfoto om onduidelijke redenen mislukt was, werd er een tweede gemaakt. Maar bij de afsluiting zei onze gastheer dat ook deze mislukt was en dat de foto opnieuw gemaakt moest worden. “I had my eyes closed”, zei hij grappend met een brede lach.




donderdag 24 maart 2016

Johan Cruijff

“Una notitia triste”, hoorde ik de Spaanse nieuwslezeres in het journaal zeggen bij het overlijden van Johan Cruijff vandaag. Een sierlijke voetballer. Een danser. 
Ook een roker, die in de tijd dat we nog weinig wisten van de schadelijke effecten, reclame maakte voor Caballero. Roken bleek slecht voor z'n kransslagaders en ook slecht voor z'n longen. 

Mijn voetbalherinnering gaat terug naar 1969-1970. Feyenoord won de Europacup 1 en daarna ook de wereldbeker met een 1-0 overwinning op het Argentijnse Estudiantes. De bal werd van de linker hoek van het veld teruggelegd op Joop (‘brilletje’) van Daele, die met een streep de bal in de linker hoek legde. Boven mijn bed hing het Feyenoord elftal met de foto’s van Eddy ‘P.G.’ en Ove Kindvall. Geen voetbalplaatjes, maar uitgeknipte foto’s uit de krant op een zwart A4-tje geplakt. Het jaar daarop werd ik voor Ajax. Klaas Nunninga, Henk Groot, Piet Keizer, Sjaak Swart en Johan Cruyff. Later ook de andere goden zoals Johan Neeskens, Dick van Dijk, Ruud Krol, Johnny Rep en de broertjes Mühren. Drie keer op rij werd de Europa Cup 1 gewonnen en 1x de wereldbeker na een overwinning op Independiente. Gouden jaren.

En toen 1974. Het legendarische WK in Duitsland. Ik kan me de opwinding nog herinneren. Iedereen schafte een kleurentelevisie aan. Volgens mij kwam kochten wij die zomer ook een kleurentelevisie. Snabbel en babbel (Krol en Suurbier) waren de sfeermakers van het elftal. Zondag 7 juli was de finale. Bij grote uitzondering gingen we niet naar de kerk en keken we met z’n allen naar de wedstrijd. Het was doodstil op straat. Nederland had de aftrap, tikte de bal rond en speelde Cruijff aan die het strafschopgebied in slalomde en onderuit werd gehaald. Neeskens schoot de 1-0 binnen. Geen Duitser had de bal aangeraakt. De rest van de wedstrijd is geschiedenis.

Cruijff heb ik 1x zien voetballen. Na zijn successen in Barcelona nam hij afscheid in Barcelona. Op 7 november 1978 kreeg hij ook een afscheidswedstrijd in Amsterdam, in het Olympisch Stadion. Ik woonde net een jaartje in Amsterdam en het leek me de kans om hem te zien spelen. Tegenstander was Bayern München. Maar die haalden hun gram. Zij speelden scherp en tackelden hard, terwijl de Amsterdammers misschien al een biertje vooraf aan de wedstrijd hadden gedronken. Het werd Cruijff’s grootste nederlaag! 8-0…
Vandaag is de grootste Nederlandse sporter overleden.

zaterdag 12 maart 2016

Praag, Tsjechie

Reizen is schrijven.
"U heeft waarschijnlijk gemerkt dat we de landing hebben afgebroken", zei de KLM-gezagvoerder gisteren. En daarna iets over een 'rabbit'. In het Nederlands vertelde hij het nog een keer. Het vliegtuig voor ons had een konijn aangereden. Wat men op de grond moest doen werd niet duidelijk. Vrees dat het konijn het niet overleefd heeft. We landden daarna veilig op het Vaclav Havel vliegveld.

Dinsdag stuurde een collega van het RIVM me pas de uitnodiging door voor een meeting in Praag. Hij had het niet eerder in zijn mailbox gezien vanwege de zika-drukte. Starttijd bijeenkomst 8 uur op zaterdag en afsluiting 14 uur. Het onderwerp was relevant en actueel om namens Nederland in te participeren: tbc-screening van migranten, waaronder asielzoekers. In 5 Engelssprekende landen (Australië, Nieuw-Zeeland, Amerika, Canada en Engeland) wordt pre-entry screening gedaan. Studenten, arbeidsmigranten en uitgenodigde vluchtelingen worden in hun land met een longfoto onderzocht en als tbc wordt vastgesteld moet men eerst behandeld worden. In Nederland, en andere Europese landen, doen wij het tbc-onderzoek zelf. Met asielzoekers zien we echter al veranderingen komen. De eerste 50 herplaatste asielzoekers uit Griekenland kwamen vorige maand met een medische intake inclusief screening op tbc op Schiphol aan. Naar zeggen moeten er dit jaar nog 9000 komen. Maar dat was voor de Merkel-Turkije (en Rutte) deal.

Deze week kwam tbc ook een klein beetje in het Nederlandse nieuws, omdat we een artikel over tbc bij asielzoekers in het Nederlands Tijdschrift van Geneeskunde publiceerden (je kunt het downloaden: https://www.ntvg.nl/artikelen/tuberculose-bij-asielzoekers-nederland-0), we de jaarcijfers bekend maakten (6% meer dan in 2014) en een vijfjarenplan om tbc beter aan te pakken uitbrachten. Het plan werd vrijdagmiddag bij VWS besproken. Een geslaagde bijeenkomst. Ik vertelde dat we over twee jaar stand van zaken wilden bespreken. "Dan pas", zei de directeur publieke gezondheid een beetje teleurgesteld. Dat aanbod nemen we dus graag aan en zullen volgend jaar terug komen.
M'n meeting zit erop en was heel nuttig. Een klein clubje van 25-30 mensen. Vertegenwoordigers van de EU, WHO Europese regio, Zweden, Noorwegen, Engeland, Duitsland, Frankrijk, Zwitserland, Servië en Griekenland en Amerikanen, Australiërs en een Nieuw-Zeelander. Er zijn nog nooit zoveel mensen als nu op de vlucht en ontheemd. Dat heeft ook allerlei consequenties voor de tbc-bestrijding en vraagt om Europese samenwerking.
Net nog een uurtje over de Karel V brug, de paasmarkt en door Praagse straatjes gewandeld. Het was frisjes. En met een tussenstop in Parijs ben ik nu 24 uur later weer in Amsterdam. Voelde me wel aangesproken door het artikel in de Volkskrant vandaag over de 'overwerkcultuur': 'working nine to (minstens) nine'.
Kerker onder beeld op de Karel V brug

zaterdag 5 maart 2016

Liftwedstrijd

Het voorjaar van 1982. Lente- en reiskriebels. Een jaar eerder had ik 5 maanden door Afrika gereisd en was daarna weer op CASA400 bij het Amstelstation in Amsterdam gaan wonen. Hier begon ool de Gooise weg (A1), met direct na de verkeerslichten een ruime uitwijkplek voor auto’s om lifters mee te nemen. Ik stond er ook vaak, want de trein was duur en studenten nog niet 'verwend' met een ov-kaart. Liften was sowieso fun. Ik heb heel wat bordjes vastgehouden. Een heel enkele keer steek ik m’n duim nog wel eens omhoog.

Op de 10e verdieping had ik een prachtig uitzicht op de liftplaats. Ik tuurde heel wat uurtjes naar buiten om te zien of lifters succesvol waren. Het was ook de tijd dat ik wat blues in m’n leven had en de bluesmuziek van Harry’s Muskee’s Cuby & the Blizzards ontdekte. De teksten 'Somebody will know someday', 'Blues is the only feeling that is so true' en 'The sky is crying' kalkte ik als een ‘outcry’ in liften. ‘Groeten uit Grollo’ draaide ik grijs op mijn pick-up. HJ, Andries en Jacqueline (later m’n schoonzus) waren medebewoners van de studentenunit. HJ was een Herman Brood-fan. Brood was toen net populair met zijn LP Shpritsz en liedjes als 'Dope sucks'. En dat was dezelfde Herman Brood die de piano op 'Groeten uit Grollo' speelde. Daarmee ontstond ook een hechte vriendschap tussen HJ en mij en hebben we ‘Harry’ vaak ergens zien optreden.

Het idee kwam spontaan, misschien wel dezelfde dag, om een liftwedstrijd naar Grollo te houden. De regels waren als volgt: HJ en ik zouden met een tussenpoos van een uur vertrekken. Bestemming Grollo en melden in de kroeg. We gingen er vanuit dat er maar 1 kroeg was en dat klopte. Bij aankomst Andries bellen (de mobiele telefoon moest nog worden uitgevonden) die vervolgens de tijd noteerde. Degene die het snelst de afstand overbrugde was winnaar. De tos bepaalde dat ik als eerste weg moest, om 15 uur. Ik voelde het gegniffel aan de overkant toen de auto’s maar voorbij raasden. Een half uur later was ik dan eindelijk op pad. Bij het Hoevelaken klaverblad liet ik me afzetten door de bestuurder die verder naar het oosten reed. Een zakenman pikte me op en was vooral boos, omdat ik, maar vooral ook hij het risico liep op een boete om daar te stoppen. Daarna kreeg ik een lift van een trucker die via z’n bakkie regelde dat ik op een parkeerplaats overstapte op een andere truck richting Veendam. Hier zat het geheim van mijn overwinning: niet de Beilen-afslag nemen, die wat eerder is, en hemelsbreed korter is naar Grollo, maar even een bocht maken. En dat wist ik, omdat ik naast een tandenborstel ook een kaart van Nederland in de binnenzak van m’n lange regenjas had gestopt. De laatste paar km had ik ook snel een lift en werd bij Café Hofsteenge afgezet. Met de aaneensluitende liften zal het rond half 7 zijn geweest. Ik belde Andries en ging aan de bar zitten en bestelde een bord patat en bier. Ik hield de tijd en de deur goed in de gaten, maar na een uur was de uitkomst van de wedstrijd duidelijk: ‘Ik had gewonnen’. Een half uur later deed HJ zijn verhaal. Op de Gooise weg had hij maar kort gestaan en werd door een snelle auto meegenomen. “Kat in het bakkie” dacht hij en na een paar liften was hij bij afslag Beilen. Eén lift had hem daarna nog naar Amen gebracht, maar toen was het stil op de boerenweggetjes. Er zat niks anders op om naar Grollo te lopen, een uur lang. En daar verloor hij zijn voorsprong.

We kwamen die avond niet meer van de barkruk af en hoorden de verhalen aan over Harry en Herman: “Harry was een goeie jongen, maar Herman…”. Herman die ’s ochtends een uur met de Telegraaf op het toilet zat te poepen. Na een tijdje vroegen we de kroegbaas naar een logies-adres. Hij belde wat particuliere adressen, maar toen dat niet lukte, zei hij dat we ook wel aan de overkant konden slapen in een soort schuur met stapelbedden. En dat deden we toen de kroeg dicht ging. De volgende dag lifte HJ naar Enschede en ik naar Ermelo.

Maar waarom nu dit verhaal? We zijn een weekendje in het noorden, slapen in een B&B in de oude veldwachterswoning in Rolde (met Bromsnor op de muur) en vertrekken NU naar het Drents museum voor de Harry Muskee ‘Windows of my eyes’ tentoonstelling. Later meer....

zaterdag 13 februari 2016

Ma

Zo heet het vorig jaar verschenen boek van Hugo Borst over zijn moeder die aan alzheimer dementie lijdt. Ik kocht het boek woensdagochtend om 7 uur op Rotterdam CS tijdens de 10 minuten overstap op de trein naar Brussel-Zaventem. Toen we om 13 uur in Valencia landden had ik het boek uit. Zeer herkenbare verhalen. Ook mijn ‘ma’ lijdt aan dementie. De eerste keer dat ik iets vreemds merkte, was tijdens een bezoek bijna vier jaar geleden. Ze nam de telefoon niet op terwijl ze toch gewoon thuis was. Toen ze ’s middags terugbelde en ik bij haar langs ging was ze erg geheimzinnig. Ik fantaseerde dat ze op haar slaapkamer een hele grote legpuzzel aan het maken was en daar helemaal in verzonken was. Later dat jaar ging ze met de trein naar Hilversum en kwam ze niet op de afgesproken tijd aan. Ze had de trein gemist, omdat haar treinkaart in een andere jas zat en ze terug moest om deze op te halen. “Dat kan gebeuren”, zei ze, en ja dat kan. Maar het kwam vaker voor: verdwalen in Haren en kletsnat en verkleumd op de verjaardag van haar zus komen. Eind 2013 reed ze voor het laatst in haar auto naar haar vertrouwde ‘noorden’. Op de terugweg kon ze vanwege wegwerkzaamheden de juiste afslag niet vinden en belandde in Emmen, maar uiteindelijk toch ook gewoon weer in Ermelo. En ja, ze had toen ook moeite om haar zwager en schoonzus te vinden die ergens anders waren gaan wonen. “Ook dat kan gebeuren!” 
In Ermelo bracht ze op tweede kerstdag een kennis naar huis, maar verdwaalde omdat ze de buurt niet goed kende. Op een boerenweggetje wilde ze haar auto even keren, maar belandde in de sloot. Ze zat een uur vast, totdat een boer haar uit deze hachelijke situatie bevrijdde en haar naar haar huis bracht. De volgende dag werd de auto netjes thuis afgeleverd. Het was haar laatste autoritje. Ook haar vader, mijn opa, beleefde hetzelfde toen hij dacht dat zijn DAF in de vooruit stond, de gaspedaal intrapte en achteruit de sloot in reed.


Juni 2015 werd mijn ‘ma’ opgenomen in het verpleeghuis. Eerder die week was ze door de thuiszorg ’s ochtends rillend naast haar bed op de grond gevonden en in allerijl nog naar het ziekenhuis gebracht om uit te zoeken of er niets gebroken was. Twee dagen later ging ik bij haar langs. Twee keer gebeld en twee keer aangebeld en uiteindelijk de sleutel gebruikt om naar binnen te gaan. Ze zat op het bed en was zich aan het verkleden. Ze was net een kwartiertje terug van de dagbesteding. Het duurde lang voor ze zich had omgekleed, maar het lukte haar uiteindelijk wel zelf. Ze zei in de slaapkamer al dat ze ’s nachts weer een probleem had gehad. Aan tafel legde ze uit dat ze ’s nachts een tijd op de bedrand had gezeten totdat de nachtzorg – voor haar onverwachts – om 4 uur binnen kwam en haar weer in bed bracht. Gelukkig maar, anders had ze tot 8 uur zo gezeten of was ze weer op de grond terechtgekomen. Ze gaf aan dat ze niet wist hoe ze verder moest en maakte zich daar ook zorgen over. Het moment om niet langer te wachten en naar een andere plek uit te kijken. Ik besprak het met haar en ze berustte zich er in. Er waren natuurlijk reacties van “daar moet ik over na denken”, “vandaag voel ik me al weer een stuk beter” en “dat kan gebeuren”, maar merkte toch ook dat ze het fijn vond om onder de mensen te zijn en continue verzorging te hebben. Alle broers stemden in en de volgende morgen belde ik de huisarts die ook vond dat het zo niet langer kon en een uur later was een crisisplek geregeld. Ik reed dus die ochtend weer naar Ermelo en vertelde haar dat ze ter observatie opgenomen werd. M’n schoonzus en een broer waren ondertussen ook gearriveerd. Gek om haar de laatste ‘tafeltje-dekje-maaltijd’ te zien eten en dan mee te nemen in de auto, naar ook voor ons een onbekende omgeving. Gelukkig woont ze nu in een mooie kamer op een woongroep met fantastisch verzorgend personeel. De omliggende tuin is door haar in het najaar fanatiek van grasjes ontdaan. We hebben haar vaak nog even gevraagd of ze haar oude woning miste, maar dat was niet zo. Haar wens om er nog één keertje te slapen, hebben we in kunnen willigen. Vorige week zat ze aan tafel de piepers te schillen voor de groep. Ze is op een fijne plek!

De spulletjes in haar appartement hebben we verdeeld of naar de kringloop gebracht. Ik nam de krantenbak mee, maar deze zal niet gebruikt worden waarvoor deze ooit gemaakt is, want kranten lezen we tegenwoordig digitaal en door de Nee-Nee sticker valt er weinig papier op onze deurmat.

Zo heeft ieder zijn verhaal over de ouder die ouder wordt en de manier waarop je daar als kind mee om gaat. Het boek ‘Ma’ van Hugo Borst kan ik van harte aanbevelen. Ik laat mijn exemplaar volgende week bij ma, zodat familieleden en andere mantelzorgers het ook kunnen lezen.

zondag 1 november 2015

Op de terugweg, Cuba-Madrid

Het is frisjes in Madrid. Heel anders dan drie weken geleden. Een gebroken nacht in het vliegtuig kan ik even verwerken met een steak, een glas vino tiento in een leuk alternatief café (La Realidad) met versleten clubs en bankjes. Als je ooit in Madrid bent een aanrader om even weg te zijn van de grote winkelstraten. Het ligt in de buurt van metro Tribunal, bij Plaza de Europa. Vannacht om 23:30 uur Cubaanse tijd vertrokken. De raampjes bleven lang dicht om iedereen wat slaap te geven, want het werd al snel licht. Ik moest ruim 6 uur wachten voordat mijn vliegtuig naar Amsterdam vertrekt. Mijn koffer was al doorgezet. Ondertussen ken ik het vervoer en de stad een beetje, dus aangenaam om nog even in het centrum van Madrid te zijn.
Diaquiri in El Floridita, Habana
De Cuba-reis is voorbij. Het land met 1000 km kust aan de Atlantische Oceaan en ook 1000 km aan de Caribische Zee is te groot om in een paar weken te zien. De laatste twee dagen was ik in Varadero. Ik had verschillende verhalen gehoord, van het mooiste strand dat er bestaat tot heel erg toeristisch. Lufthansa vliegt rechtstreeks op Varadero, dat op 140 km van Habana ligt. Het is een smalle landtong van 20 km lang en maar een paar 100 meter breed. Op het eind liggen de prijzige grote toeristenhotels. Voor minder dan 100 euro kom je niet binnen. All-inclusive. Ook al zoiets ongemakkelijks. Ik zag een paar mensen met een gekleurd polsbandje over het strand lopen. Gelukkig boekte mijn casa particulare eigenares in Matanzas een casa bij een familielid aan het begin van de strook, waar voornamelijk Cubanen komen. Vanaf de deur was het 75 stappen tot aan het witte strand en dan nog 50 stappen tot de blauwe zee. De zee is nog lang ondiep en kleurt pas 1 tot 2 km verder donkerblauw. Inderdaad een wit strand, maar ook de zeebodem bestaat uit ribbelig zand. Geen vervelende steentjes waar je je voeten aan open haalt. Een paar keer zag ik een visje wegzwemmen. Een mooi slotstuk van mijn trip. Meer had ik niet nodig. Het kleine zwembad/whirlpool was heerlijk om ’s avonds m’n laatste meegebrachte boek uit te lezen.

Donderdag gaf ik mijn voordracht in het Spaans. Een half uur lang, vanaf papier voorgelezen. De print moest nog even door de matrixprinter van de rector. Ik struikelde wel een paar keer over noventa (90) en novecientos (900), maar dat maakte niet uit. Daarna een levendige discussie. De meeste vragen kon ik ook in het Spaans beantwoorden. Het was goed om in het Spaans te spreken, want de meeste toehoorders spraken maar heel matig tot geen Engels. Mijn gastheer wil het verhaal omwerken tot een artikel in het Cubaanse Tijdschrift voor Geneeskunde. Dat zal wel grappig zijn, een leuke ‘collector item’. Een van mijn artikelen is ooit in het Chinees vertaald en er is ook al eens een verhaal over een tbc-cursus die ik vorig jaar in Amsterdam organiseerde in een Wit-Russisch tijdschrift verschenen.
TB Workshops Cubaanse dokters, onder toeziend ogen van Fidel
 

Tja, en ook de zes weken sabbatical zitten erop. Door met de Spaanse taal in klasjes bezig te zijn, ben je even helemaal niet de persoon in je normale omgeving. Het heeft me ook helemaal los gemaakt van m’n werk. De laatste weken niet meer in m’n werkmail gekeken en doe dat tot maandagochtend ook niet. Het bevalt me wel goed om eens in de 5-6 jaar die rust te nemen en me weer op te laden. Over 5 jaar weer!

Naschrift
Terug in Nederland is me vaak gevraagd wat me het meeste opviel in Cuba. Dat is eigenlijk de afwezigheid van reclame, langs de weg, in kranten, etc. Wat een rust om niet overal geprikkeld te worden om meer te consumeren. Is meer echt nodig? 
Oké, je moet in Cuba dan wel de patriottische borden accepteren: ¡Patria o muerte. Venceremos! ¡Hasta la victoria. Siempre!